Epson ET-2825 Ecotank Handleiding

Epson Printer ET-2825 Ecotank

Lees hieronder de 📖 handleiding in het Nederlandse voor Epson ET-2825 Ecotank (298 pagina's) in de categorie Printer. Deze handleiding was nuttig voor 866 personen en werd door 2 gebruikers gemiddeld met 4.5 sterren beoordeeld

Pagina 1/298
Gebruikershandleiding
Afdrukken
Kopiëren
Scannen
Faxen
De printer onderhouden
Problemen oplossen
NPD6444-00 NL
Inhoudsopgave
Uitleg bij deze handleiding
Introductie tot de handleidingen................7
Zoeken naar informatie......................7
Alleen pagina's afdrukken die u nodig hebt........8
Over deze handleiding.......................9
Markeringen en symbolen..................9
Opmerkingen over schermaeeldingen en
aeeldingen............................9
Referenties voor besturingssystemen...........9
Handelsmerken...........................10
Copyright...............................11
Belangrijke instructies
Veiligheidsinstructies.......................13
Veiligheidsinstructies voor inkt..............13
Printeradviezen en waarschuwingen. . . . . . . . . . . . 14
Adviezen en waarschuwingen voor het
instellen/gebruik van de printer............. 14
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik
van de printer.......................... 14
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik
van het display..........................15
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik
van de printer met een draadloze verbinding. . . . 15
Adviezen en waarschuwingen voor het
vervoeren of opslaan van de printer.......... 15
Uw persoonlijke gegevens beschermen..........16
Namen en functies van onderdelen
Namen en functies van onderdelen.............18
Uitleg bij het bedieningspaneel
Bedieningspaneel..........................23
Conguratie van het startscherm.............. 24
Uitleg bij het netwerkpictogram.............25
Tekens invoeren...........................25
Animaties bekijken........................ 26
Papier laden
Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking. . . . . 28
Instellingen voor het papierformaat en de
papiersoort..............................28
Lijst met papiersoorten....................29
Papier laden in de papierinvoer achterzijde. . . . . . . 30
Enveloppen laden in de papierinvoer achterzijde. . . 32
Verschillende soorten papier laden.............33
Geperforeerd papier afdrukken..............33
Lang papier laden....................... 34
Originelen plaatsen
Originelen die niet door de ADF worden
ondersteund............................. 36
Originelen op de ADF plaatsen................36
Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen. . . . . . . 37
Afdrukken
Documenten afdrukken.....................40
Afdrukken vanaf een computer — Windows. . . . 40
Afdrukken vanaf een computer — Mac OS. . . . . 60
Documenten afdrukken vanaf smart devices
(iOS).................................64
Documenten afdrukken vanaf smart devices
(Android).............................66
Afdrukken op enveloppen................... 67
Afdrukken op enveloppen vanaf een
computer (Windows).....................67
Afdrukken op enveloppen vanaf een
computer (Mac OS)......................68
Webpagina's afdrukken..................... 68
Webpagina's afdrukken vanaf een computer. . . . 68
Webpagina's afdrukken vanaf smart devices. . . . 68
Afdrukken via een cloudservice............... 69
Vanaf het bedieningspaneel registreren bij
Epson Connect Service....................70
Kopiëren
Beschikbare kopieermethoden................72
Originelen kopiëren......................72
Kopiëren door te vergroten of verkleinen. . . . . . .73
Meerdere originelen kopiëren naar één vel. . . . . .74
Identiteitskaart kopiëren...................76
Kopiëren zonder marges...................77
Menuopties voor kopiëren...................78
Aantal kopieën:.........................78
Z/W:.................................78
Kleur:................................78
Dichtheid:.............................78
Papierinstelling:.........................78
2
Vergroot/Verklein:.......................78
Aangep. Grootte:........................79
Formaat van origineel:....................79
Meerdere pagina's:.......................79
Kwaliteit:..............................79
ID-kaart-kopie:.........................79
Randloze kopie:.........................79
Scannen
Basisinformatie over scannen.................81
Wat is eenscan?........................81
Scanopties.............................81
Beschikbare scanmethoden................ 81
Aanbevolen bestandsindelingen voor
verschillende doeleinden.................. 82
Aanbevolen resoluties voor verschillende
doeleinden.............................83
Originelen scannen naar een computer..........83
Scannen via het bedieningspaneel............84
Scannen vanaf een computer............... 85
Originelen scannen via WSD.................85
Een WSD-poort instellen..................86
Originelen scannen naar een smart device........88
Geavanceerd scannen.......................88
Meerdere foto's tegelijkertijd scannen. . . . . . . . . 88
Faxen
Voordat u faxfuncties gebruikt................91
De printer aansluiten op een telefoonlijn.......91
De printer klaarmaken voor het verzenden en
ontvangen van faxberichten................95
Instellingen voor de faxfuncties van de
printer op maat congureren...............96
Contactpersonen beschikbaar maken........ 100
Overzicht van de faxfuncties van de printer. . . . . . 102
Functie: Faxberichten verzenden...........102
Functie: Faxberichten ontvangen............103
Functie: Verzenden/ontvangen met PC-
FAX (Windows/Mac OS).................103
Functies: Verschillende faxrapporten.........104
Functie: Beveiliging bij het verzenden en
ontvangen van faxberichten...............104
Functies: andere handige functies..........104
Faxberichten verzenden via de printer..........104
Ontvangers selecteren....................105
Verschillende manieren om faxberichten te
verzenden............................106
Faxberichten ontvangen op de printer..........108
Inkomende faxen ontvangen...............109
Faxen ontvangen via een telefoonoproep. . . . . . 110
Menuopties voor faxen.....................111
Fax.................................111
Scaninstellingen........................112
Inst.faxverzending......................112
Meer................................113
Contacten-beheer.......................114
Andere faxfuncties gebruiken................115
Een faxrapport handmatig afdrukken........115
Een faxbericht verzenden via een computer. . . . . . 115
Documenten verzenden die zijn gemaakt met
een toepassing (Windows)................ 115
Documenten verzenden die zijn gemaakt met
een toepassing (Mac OS)................. 118
Faxberichten ontvangen op een computer. . . . . . . 119
Controleren op nieuwe faxen (Windows). . . . . . 120
Controleren op nieuwe faxen (Mac OS).......121
De functie voor het opslaan van ontvangen
faxberichten op de computer uitschakelen. . . . . 122
De printer onderhouden
Het inktniveau controleren..................124
De afdruk-, kopieer-, scan- en faxkwaliteit
verbeteren..............................124
De printkop controleren en reinigen.........124
Krachtige reiniging uitvoeren..............126
Voorkomen dat spuikanaaltjes verstopt raken. . 127
De printkop uitlijnen....................128
Het papiertraject vrijmaken van inktvlekken. . . 128
De Scannerglasplaat reinigen.............. 128
De automatische documentinvoer (ADF)
schoonmaken..........................129
De printer reinigen........................132
Gemorste inkt opruimen................... 132
Controleren hoeveel pagina's in totaal door de
printer zijn gegaan........................133
Stroom besparen......................... 133
Energie besparen — Bedieningspaneel. . . . . . . 133
Toepassingen afzonderlijk installeren of
verwijderen.............................134
Toepassingen afzonderlijk installeren. . . . . . . . 134
De printer toevoegen (alleen voor Mac OS). . . . 137
Toepassingen verwijderen.................137
Toepassingen en rmware bijwerken.........139
De printer vervoeren en opslaan..............140
3
Problemen oplossen
De printer werkt niet naar behoren............144
De printer gaat niet aan of uit..............144
Stroom schakelt automatisch uit............144
Papier wordt niet goed ingevoerd...........145
Kan niet afdrukken..................... 149
Kan niet beginnen met scannen............ 167
Kan geen faxbericht verzenden of ontvangen. . . 179
Kan de printer niet bedienen zoals verwacht. . . 193
Er wordt een foutcode weergegeven op het lcd-
scherm................................ 196
Papier loopt vast..........................197
Vastgelopen papier verwijderen.............198
Vastgelopen papier verwijderen uit de ADF. . . . 201
Voorkomen dat papier vastloopt............202
De inkt moet worden bijgevuld...............203
Voorzorgsmaatregelen voor inktessen.......203
De inkttanks bijvullen................... 204
De afdruk-, kopieer-, scan- en faxkwaliteit is
slecht..................................208
Afdrukkwaliteit is slecht..................208
De kopieerkwaliteit is slecht...............217
Problemen met gescande aeeldingen....... 224
De kwaliteit van het verzonden faxbericht is
slecht................................227
Het ontvangen faxbericht is van slechte
kwaliteit..............................229
Kan het probleem niet oplossen.............. 229
Problemen met afdrukken of kopiëren
kunnen niet worden opgelost..............229
De computer of apparaten toevoegen
of vervangen
Verbinden met een printer die met het netwerk
is verbonden............................ 232
De printer gebruiken vanaf een tweede
computer.............................232
Een netwerkprinter gebruiken vanaf een
smart device.......................... 233
De netwerkverbinding opnieuw instellen........233
Vervanging van de draadloze router......... 233
Vervanging van de computer.............. 234
De methode voor verbinding met de
computer wijzigen......................234
Wi-instellingen congureren via het
bedieningspaneel.......................236
Een smart device rechtstreeks verbinden met
een printer (Wi-Fi Direct)...................239
Over Wi-Fi Direct...................... 239
Apparaten verbinden met Wi-Fi Direct.......240
De verbinding met Wi-Fi Direct (eenvoudig
toegangspunt) verbreken................. 242
De instellingen voor Wi-Fi Direct (eenvoudig
toegangspunt) wijzigen, zoals de SSID........242
De status van de netwerkverbinding controleren. . 243
De netwerkverbindingsstatus controleren op
het bedieningspaneel....................243
Een netwerkverbindingsrapport afdrukken. . . . 244
Een netwerkstatusvel afdrukken............250
Het computernetwerk controleren (alleen
Windows)............................ 251
Productinformatie
Papiergegevens...........................253
Beschikbaar papier en capaciteiten..........253
Niet-beschikbare papiersoorten............ 255
Informatie over verbruiksproducten...........256
Codes van de inktessen..................256
Soware-informatie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 257
Soware voor afdrukken. . . . . . . . . . . . . . . . . .257
Soware voor scannen...................261
Soware voor faxen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 261
Soware voor het maken van pakketten. . . . . . .263
Soware voor instellingen. . . . . . . . . . . . . . . . .263
Soware voor bijwerken..................265
Overzicht instellingenmenu................. 266
Onderhoud...........................266
Printerinstallatie....................... 267
Netwerkinstellingen.....................269
Epson Connect- services..................270
Contacten-beheer.......................270
Faxinstellingen.........................271
Statusv.afdrukk.........................276
Afdrukteller...........................276
Klantonderzoek........................277
Standaardinst. herstellen..................277
Firmware-update.......................277
Productspecicaties.......................278
Printer specicaties..................... 278
Scannerspecicaties.....................279
Interfacespecicaties.................... 279
Specicaties voor ADF...................279
Faxspecicaties........................ 280
Netwerkspecicaties.....................280
Ondersteunde services van derden.......... 283
Afmetingen...........................283
Elektrische specicaties.................. 284
4
Omgevingsspecicaties...................285
Systeemvereisten.......................285
Regelgevingsinformatie.................... 286
Normen en goedkeuringen................286
Beperkingen op het kopiëren.............. 287
Hulp vragen
Technische ondersteuning (website)...........290
Contact opnemen met de klantenservice van
Epson.................................290
Voordat u contact opneemt met Epson....... 290
Hulp voor gebruikers in Europa............ 290
Hulp voor gebruikers in Taiwan............ 291
Hulp voor gebruikers in Australië...........291
Hulp voor gebruikers in Nieuw-Zeeland. . . . . . 292
Hulp voor gebruikers in Singapore.......... 292
Hulp voor gebruikers inailand...........292
Hulp voor gebruikers in Vietnam........... 293
Hulp voor gebruikers in Indonesië.......... 293
Hulp voor gebruikers in Hong Kong.........296
Hulp voor gebruikers in Maleisië............297
Hulp voor gebruikers in India..............297
Hulp voor gebruikers in de Filippijnen....... 297
5
Uitleg bij deze handleiding
Introductie tot de handleidingen........................................7
Zoeken naar informatie...............................................7
Alleen pagina's afdrukken die u nodig hebt................................ 8
Over deze handleiding............................................... 9
Handelsmerken....................................................10
Copyright........................................................11
Introductie tot de handleidingen
De volgende handleidingen worden meegeleverd met uw Epson-printer. Naast de handleidingen kunt u ook de
verschillende hulpmogelijkheden op de printer zelf of in de Epson-sowaretoepassingen raadplegen.
Belangrijke veiligheidsvoorschrien (gedrukte handleiding)
Bevat instructies om deze printer veilig te gebruiken.
Hier beginnen (gedrukte handleiding)
Bevat informatie over het instellen van de printer en het installeren van de soware.
Gebruikershandleiding (digitale handleiding)
Deze handleiding. Deze handleiding is beschikbaar als PDF- en webhandleiding. Biedt algehele informatie en
instructies voor het gebruik van de printer, voor netwerkinstellingen wanneer de printer in een netwerk wordt
gebruikt en voor het oplossen van problemen.
Deze handleiding is bedoeld voor de ET-4800 Series/L5290 Series en de ET-2820 Series/L3260 Series. De
volgende functies zijn alleen beschikbaar voor ET-4800 Series/L5290 Series de.
Faxen
ADF (automatische documentinvoer)
Ethernet-verbinding
U kunt de meest recente versie van de bovenstaande handleidingen in uw bezit krijgen op de volgende manieren.
Gedrukte handleiding
Ga naar de ondersteuningssite van Epson Europe (http://www.epson.eu/support) of de wereldwijde
ondersteuningssite van Epson (http://support.epson.net/).
Digitale handleiding
Om de webhandleiding weer te geven, gaat u naar de volgende website, voert u de productnaam in en gaat u
vervolgens naar Ondersteuning.
http://epson.sn
Zoeken naar informatie
In de PDF-handleiding kunt u naar informatie zoeken op zoekwoord of direct naar een bepaald gedeelte gaan met
behulp van de bladwijzers. Dit gedeelte bevat uitleg over het gebruik van een PDF-handleiding die in Adobe
Acrobat Reader DC op de computer is geopend.
Uitleg bij deze handleiding
>
Zoeken naar informatie
7
Zoeken met een zoekwoord
Klik op Bewerken > Geavanceerd zoeken. Voer in het zoekvenster het zoekwoord (tekst) in voor de informatie die
u zoekt en klik vervolgens op Zoeken. Zoekresultaten worden weergegeven in een lijst. Klik op een van de
weergegeven zoekresultaten om naar de betreende pagina te gaan.
Direct naar informatie gaan via bladwijzers
Klik op een titel om naar de betreende pagina te gaan. Klik op + of > en bekijk de onderliggende titels in dat
gedeelte. Voer de volgende bewerking uit op het toetsenbord als u wilt terugkeren naar de vorige pagina.
Wi n do ws : ho u d d e Alt-toets ingedrukt en druk op .
Mac OS: houd de Command-toets ingedrukt en druk op .
Alleen pagina's afdrukken die u nodig hebt
U kunt alleen de pagina's die u nodig hebt extraheren en afdrukken. Klik op Afdrukken in het menu Bestand en
geef in Pagina's bij Pagina's die moeten worden afgedrukt de pagina's op die u wilt afdrukken.
Als u een paginareeks wilt opgeven, voert u tussen de begin- eindpagina een areekstreepje in.
Voorb eeld: 20-25
Als u niet-opeenvolgende pagina's wilt opgeven, scheidt u de pagina's met komma's.
Voorbeeld: 5, 10, 15
Uitleg bij deze handleiding
>
Alleen pagina's afdrukken die u nodig hebt
8
Microso
®
Wi n d o ws
®
XP besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws
®
XP Professional x64 Edition besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2019 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2016 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2012 R2 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2012 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2008 R2 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2008 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2003 R2 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d o ws S e r ve r
®
2003 besturingssysteem
Mac OS
In deze handleiding wordt "Mac OS" gebruikt om te verwijzen naar Mac OS X v10.6.8 of hoger.
Handelsmerken
EPSON
®
is een gedeponeerd handelsmerk en EPSON EXCEED YOUR VISION of EXCEED YOUR VISION is
een handelsmerk van Seiko Epson Corporation.
Epson Scan 2 soware is based in part on the work of the Independent JPEG Group.
libti
Copyright © 1988-1997 Sam Leer
Copyright © 1991-1997 Silicon Graphics, Inc.
Permission to use, copy, modify, distribute, and sell this soware and its documentation for any purpose is
hereby granted without fee, provided that (i) the above copyright notices and this permission notice appear in
all copies of the soware and related documentation, and (ii) the names of Sam Leer and Silicon Graphics
may not be used in any advertising or publicity relating to the soware without the specic, prior written
permission of Sam Leer and Silicon Graphics.
THE SOFTWARE IS PROVIDED "AS-IS" AND WITHOUT WARRANTY OF ANY KIND, EXPRESS,
IMPLIED OR OTHERWISE, INCLUDING WITHOUT LIMITATION, ANY WARRANTY OF
MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR A PARTICULAR PURPOSE.
IN NO EVENT SHALL SAM LEFFLER OR SILICON GRAPHICS BE LIABLE FOR ANY SPECIAL,
INCIDENTAL, INDIRECT OR CONSEQUENTIAL DAMAGES OF ANY KIND, OR ANY DAMAGES
WHATSOEVER RESULTING FROM LOSS OF USE, DATA OR PROFITS, WHETHER OR NOT ADVISED
OF THE POSSIBILITY OF DAMAGE, AND ON ANY THEORY OF LIABILITY, ARISING OUT OF OR IN
CONNECTION WITH THE USE OR PERFORMANCE OF THIS SOFTWARE.
QR Code is a registered trademark of DENSO WAVE INCORPORATED in Japan and other countries.
Microso
®
, Windows
®
, Windows Server
®
, and Windows Vista
®
are registered trademarks of Microso
Corporation.
Apple, Mac, macOS, OS X, Bonjour, ColorSync, Safari, AirPrint, iPad, iPhone, iPod touch, and iTunes are
trademarks of Apple Inc., registered in the U.S. and other countries.
Use of the Works with Apple badge means that an accessory has been designed to work specically with the
technology identied in the badge and has been certied by the developer to meet Apple performance
standards.
Uitleg bij deze handleiding
>
Handelsmerken
10
Chrome, Google Play, and Android are trademarks of Google LLC.
Adobe, Acrobat, and Reader are either registered trademarks or trademarks of Adobe in the United States
and/or other countries.
Firefox is a trademark of the Mozilla Foundation in the U.S. and other countries.
Mopria® and the Mopria® Logo are registered and/or unregistered trademarks and service marks of Mopria
Alliance, Inc. in the United States and other countries. Unauthorized use is strictly prohibited.
Algemene opmerking: andere productnamen vermeld in deze uitgave, dienen uitsluitend als identicatie en
kunnen handelsmerken zijn van hun respectievelijke eigenaars.Epson maakt geen enkele aanspraak op enige
rechten op deze handelsmerken.
Copyright
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of
openbaar worden gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën,
opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande schrielijke toestemming van Seiko Epson
Corporation. Er wordt geen patentaansprakelijkheid aanvaard met betrekking tot het gebruik van de informatie in
deze handleiding. Evenmin wordt aansprakelijkheid aanvaard voor schade die voortvloeit uit het gebruik van de
informatie in deze publicatie. De informatie in dit document is uitsluitend bestemd voor gebruik met dit Epson-
product. Epson is niet verantwoordelijk voor gebruik van deze informatie in combinatie met andere producten.
Seiko Epson Corporation noch haar lialen kunnen verantwoordelijk worden gesteld door de koper van dit
product of derden voor schade, verlies, kosten of uitgaven die de koper of derden oplopen ten gevolge van al dan
niet foutief gebruik of misbruik van dit product of onbevoegde wijzigingen en herstellingen of (met uitzondering
van de V.S.) het zich niet strikt houden aan de gebruiks- en onderhoudsvoorschrien van Seiko Epson
Corporation.
Seiko Epson Corporation en haar dochterondernemingen kunnen niet verantwoordelijk worden gehouden voor
schade of problemen voortvloeiend uit het gebruik van andere dan originele onderdelen of verbruiksgoederen
kenbaar als Original Epson Products of Epson Approved Products by Seiko Epson.
Seiko Epson Corporation kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor schade voortvloeiend uit
elektromagnetische interferentie als gevolg van het gebruik van andere interfacekabels die door Seiko Epson
Corporation worden aangeduid als Epson Approved Products.
© 2020 Seiko Epson Corporation
De inhoud van deze handleiding en de specicaties van dit product kunnen zonder aankondiging worden
gewijzigd.
Uitleg bij deze handleiding
>
Copyright
11
Belangrijke instructies
Veiligheidsinstructies............................................... 13
Printeradviezen en waarschuwingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .14
Uw persoonlijke gegevens beschermen...................................16
Veiligheidsinstructies
Lees en volg deze instructies om deze printer veilig te gebruiken.Bewaar deze handleiding voor latere
raadplegingen.Let ook op al de waarschuwingen en instructies die op de printer staan.
Sommige van de symbolen die worden gebruikt op de printer zijn bedoeld om de veiligheid en het juiste
gebruik van de printer te garanderen. Ga naar de volgende website voor de betekenis van de symbolen.
http://support.epson.net/symbols
Gebruik alleen het netsnoer dat met de printer is meegeleverd en gebruik het snoer niet voor andere apparatuur.
Gebruik van andere snoeren met deze printer of gebruik van het meegeleverde netsnoer met andere apparatuur
kan leiden tot brand of elektrische schokken.
Zorg ervoor dat het netsnoer voldoet aan de relevante plaatselijke veiligheidsnormen.
Haal het netsnoer, de stekker, de printer, de scanner of de accessoires nooit uit elkaar en probeer deze
onderdelen nooit zelf te wijzigen of te repareren, tenzij zoals uitdrukkelijk staat beschreven in de handleidingen
van het apparaat.
Trek in de volgende gevallen de stekker uit het stopcontact en laat het onderhoud aan een onderhoudstechnicus
over:
Als het netsnoer of de stekker beschadigd is, als er vloeistof in de printer is gekomen, als de printer is gevallen of
als de behuizing beschadigd is, als de printer niet normaal werkt of als er een duidelijke wijziging in de
prestaties optreedt. Wijzig geen instellingen als hiervoor in de gebruiksaanwijzing geen instructies worden
gegeven.
Zet het apparaat in de buurt van een stopcontact waar u de stekker gemakkelijk uit het stopcontact kunt halen.
Plaats of bewaar de printer niet buiten en zorg ervoor dat de printer niet wordt blootgesteld aan vuil, stof, water
of hittebronnen. Vermijd plaatsen die onderhevig zijn aan schokken, trillingen, hoge temperaturen of
luchtvochtigheid.
Zorg ervoor dat u geen vloeistoen op de printer morst en pak de printer niet met natte handen vast.
Houd de printer ten minste 22 cm verwijderd van pacemakers. De radiogolven die door deze printer worden
uitgezonden, kunnen een negatieve invloed hebben op de werking van pacemakers.
Neem contact op met uw leverancier als het lcd-scherm beschadigd is. Als u vloeistof uit het scherm op uw
handen krijgt, was ze dan grondig met water en zeep. Als u vloeistof uit het scherm in uw ogen krijgt, moet u
uw ogen onmiddellijk uitspoelen met water. Raadpleeg onmiddellijk een arts als u ondanks grondig spoelen
problemen krijgt met uw ogen of nog steeds ongemak ondervindt.
Vermijd het gebruik van de telefoon tijdens onweer. Er bestaat een minieme kans op elektrische schokken door
bliksem.
Gebruik voor het melden van een gaslek geen telefoon in de directe omgeving van het lek.
Veiligheidsinstructies voor inkt
Zorg ervoor dat u de inkt niet aanraakt bij het omgaan met de inkttanks, de doppen van de inkttanks of
geopende inktessen of doppen.
Als u inkt op uw huid krijgt, wast u de plek grondig met water en zeep.
Als u inkt in uw ogen krijgt, moet u uw ogen onmiddellijk uitspoelen met water. Raadpleeg onmiddellijk een
arts als u ondanks grondig spoelen problemen krijgt met uw ogen of nog steeds ongemak ondervindt.
Als er inkt in uw mond terechtkomt, raadpleegt u direct een arts.
Belangrijke instructies
>
Veiligheidsinstructies
>
Veiligheidsinstructies voor inkt
13
Schud de es niet met overdreven kracht en stel de es niet bloot aan sterke schokken. Hierdoor kan inkt
lekken.
Houd inktessen buiten het bereik van kinderen. Laat kinderen niet uit de inktessen drinken.
Printeradviezen en waarschuwingen
Lees en volg deze instructies om schade aan de printer of uw eigendommen te voorkomen. Bewaar deze
handleiding voor toekomstig gebruik.
Adviezen en waarschuwingen voor het instellen/gebruik van de
printer
Blokkeer de openingen in de behuizing van de printer niet en dek deze niet af.
Gebruik uitsluitend het type voedingsbron dat is vermeld op het etiket van de printer.
Gebruik geen stopcontacten in dezelfde groep als kopieerapparaten, airconditioners of andere apparaten die
regelmatig worden in- en uitgeschakeld.
Gebruik geen stopcontacten die met een wandschakelaar of een automatische timer kunnen worden in- en
uitgeschakeld.
Plaats het hele computersysteem uit de buurt van apparaten die elektromagnetische storing kunnen
veroorzaken, zoals luidsprekers of basisstations van draadloze telefoons.
Plaats het netsnoer zodanig dat geen slijtage, inkepingen, rafels, plooien en knikken kunnen optreden. Plaats
geen voorwerpen op het netsnoer en plaats het netsnoer zodanig dat niemand erop kan stappen. Let er vooral
op dat snoeren mooi recht blijven aan de uiteinden en de punten waar deze de transformator in- en uitgaan.
Als u een verlengsnoer gebruikt voor de printer, mag de totale stroombelasting in ampère van alle aangesloten
apparaten niet hoger zijn dan de maximale belasting voor het verlengsnoer. Zorg er bovendien voor dat het
totaal van de ampèrewaarden van alle apparaten die zijn aangesloten op het stopcontact, niet hoger is dan de
maximumwaarde die is toegestaan voor het stopcontact.
Als u de printer in Duitsland gebruikt, moet u rekening houden met het volgende: de installatie van het gebouw
moet beschikken over een stroomonderbreker van 10 of 16 A om de printer te beschermen tegen kortsluiting en
stroompieken.
Let bij het aansluiten van de printer op een computer of ander apparaat op de juiste richting van de stekkers van
de kabel. Elke stekker kan maar op een manier op het apparaat worden aangesloten. Wanneer u een stekker op
een verkeerde manier in het apparaat steekt, kunnen beide apparaten die via de kabel met elkaar zijn verbonden
beschadigd raken.
Plaats de printer op een vlakke, stabiele ondergrond die groter is dan de printer zelf. De printer werkt niet goed
als deze scheef staat.
Laat boven de printer voldoende ruimte vrij om het deksel volledig te kunnen openen.
Zorg ervoor dat aan de voorkant van de printer voldoende ruimte is voor het papier dat uit de printer komt.
Vermijd plaatsen met grote schommelingen in temperatuur en luchtvochtigheid. Houd de printer ook uit de
buurt van direct zonlicht, fel licht of warmtebronnen.
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van de printer
Steek geen voorwerpen door de openingen in de printer.
Belangrijke instructies
>
Printeradviezen en waarschuwingen
>
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van
d
14
Steek uw hand niet in de printer tijdens het afdrukken.
Raak de witte, platte kabel en inktbuisjes binnen in de printer niet aan.
Gebruik geen spuitbussen met ontvlambare stoen in of in de buurt van de printer. Dit kan brand veroorzaken.
Verplaats de printkop niet handmatig; anders kunt u de printer beschadigen.
Pas bij het sluiten van de scannereenheid op dat uw vingers niet klem komen te zitten.
Let erop dat u nooit te hard op de scannerglasplaat drukt wanneer u er een origineel op legt.
Langdurig gebruik van de printer wanneer de inkt lager staat dan de onderste lijn, kan de printer beschadigen.
Vul de inkttank tot de bovenste lijn wanneer de printer niet in werking is. Reset het inktniveau nadat u de tank
hebt gevuld om het juiste geschatte inktniveau weer te geven.
Zet de printer altijd uit met de knop
P
. Trek de stekker niet uit het stopcontact en sluit de stroom naar het
stopcontact niet af zolang het lampje
P
nog knippert.
Als u de printer gedurende langere tijd niet gebruikt, neem dan de stekker uit het stopcontact.
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van het display
Het display kan een paar kleine heldere of donkere puntjes vertonen en is mogelijk niet overal even helder. Dit
is normaal en wil geenszins zeggen dat het display beschadigd is.
Maak het display alleen schoon met een droge, zachte doek. Gebruik geen vloeibare of chemische
reinigingsmiddelen.
De buitenkant van de display kan breken als deze een grote weerslag krijgt. Neem contact op met uw
wederverkoper als het oppervlak van het scherm barst of splintert. Raak de gebroken stukken nooit aan en
verwijder ze niet.
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van de printer met een
draadloze verbinding
Radiogolven van deze printer kunnen nadelige gevolgen hebben voor de werking van medische elektronische
apparatuur, waardoor deze apparatuur defect kan raken.Wanneer u deze printer gebruikt in een medische
instelling of in de buurt van medische apparatuur, volg dan de aanwijzingen van het bevoegd personeel van de
medische instelling en volg alle waarschuwingen en aanwijzingen die op de medische apparatuur zelf staan.
Radiogolven uit deze printer kunnen de werking van automatisch gestuurde apparaten, zoals automatische
deuren of een brandalarm, storen en kunnen tot ongevallen leiden als gevolg van storing.Volg alle
waarschuwingen en aanwijzingen die op deze apparatuur zijn aangeduid wanneer u deze printer gebruikt in de
buurt van automatisch aangestuurde apparaten.
Adviezen en waarschuwingen voor het vervoeren of opslaan van de
printer
Zorg er bij opslag of transport van de printer voor dat deze niet gekanteld, verticaal of ondersteboven wordt
gehouden, anders kan er inkt lekken.
Controleer vóór het vervoeren van de printer of de printkop zich in de uitgangspositie (uiterst rechts) bevindt.
Belangrijke instructies
>
Printeradviezen en waarschuwingen
>
Adviezen en waarschuwingen voor het vervoere
n
15
Uw persoonlijke gegevens beschermen
Als u de printer aan iemand anders gee of wilt weggooien, kunt u het geheugen als volgt wissen: selecteer Instel.
> Standaardinst. herstellen > Alle gegevens en instellingen wissen op het bedieningspaneel.
Belangrijke instructies
>
Uw persoonlijke gegevens beschermen
16
Namen en functies van onderdelen
Namen en functies van onderdelen..................................... 18
Namen en functies van onderdelen
Alleen voor ET-4800 Series/L5290 Series
ADeksel van ADF (Papierlade van
de automatische
documentinvoer)
Open dit om vastgelopen originelen te verwijderen uit de ADF.
BInvoerlade van de ADF Hiermee worden originelen automatisch ingevoerd.
CZijgeleider van de ADF Zorgt ervoor dat originelen recht in de printer worden ingevoerd. Schuif naar
de rand van de originelen.
DUitvoerlade van de ADF Bevat de originelen die uit de ADF komen.
Alleen voor ET-4800 Series/L5290 Series
APapierinvoer achterzijde Hieruit wordt papier geladen.
BPapiersteun Ondersteuning voor geladen papier.
CZijgeleider Hiermee wordt het papier recht in de printer ingevoerd. Schuif deze naar de
randen van het papier.
DUitvoerlade Opvanglade voor het papier dat uit de printer komt.
EStopper Schuif de stopper uit om te voorkomen dat papier uit de uitvoerlade valt.
Alleen voor ET-2820 Series/L3260 Series
Namen en functies van onderdelen
>
Namen en functies van onderdelen
18
APapierinvoer achterzijde Hieruit wordt papier geladen.
BPapiersteun Ondersteuning voor geladen papier.
CZijgeleider Hiermee wordt het papier recht in de printer ingevoerd. Schuif deze naar de
randen van het papier.
DInvoerbeveiliging Voorkomt dat ongewenste zaken in de printer terechtkomen.
Laat deze bescherming over het algemeen dicht.
EUitvoerlade Opvanglade voor het papier dat uit de printer komt.
FStopper Schuif de stopper uit om te voorkomen dat papier uit de uitvoerlade valt.
ADocumentkap Houdt extern licht tegen tijdens het scannen.
BScannerglasplaat Plaats de originelen.
CBedieningspaneel Geeft de status van de printer weer en maakt het mogelijk printerinstellingen
te congureren.
Namen en functies van onderdelen
>
Namen en functies van onderdelen
19
AScannereenheid Scant de geplaatste originelen. Open de eenheid om vastgelopen papier te
verwijderen. Deze eenheid blijft meestal gesloten.
BInkttankdop Open om de inkttank bij te vullen.
CInkttankklep
DInkttankeenheid Bevat de inkttanks.
EInktreservoir (inkttank) Brengt inkt naar de printkop.
FBinnendeksel Open dit om vastgelopen papier te verwijderen uit de printer.
GSteun van scannereenheid Ondersteunt de scannereenheid wanneer u deze opent.
HPrintkop Inkt komt uit de spuitkanaaltjes van de printkop.
ALAN-poort
*
Voor aansluiting van een LAN-kabel.
BUSB-poort Voor aansluiting van een USB-kabel als verbinding met een computer.
CNetsnoeraansluiting Voor aansluiting van het netsnoer.
DEXT.-poort
*
Voor aansluiting van externe telefoontoestellen.
ELINE-poort
*
Voor aansluiting van een telefoonlijn.
Namen en functies van onderdelen
>
Namen en functies van onderdelen
20
* Alleen voor de ET-4800 Series/L5290 Series
Namen en functies van onderdelen
>
Namen en functies van onderdelen
21
Uitleg bij het bedieningspaneel
Bedieningspaneel..................................................23
Conguratie van het startscherm.......................................24
Tekens invoeren...................................................25
Animaties bekijken.................................................26
Bedieningspaneel
AHiermee schakelt u de printer in of uit.
Haal het netsnoer uit het stopcontact nadat u hebt gecontroleerd of het aan/uit-lampje uit staat.
BHiermee geeft u menu's en berichten weer. Gebruik de knoppen op het bedieningspaneel om een menu te
selecteren of instellingen te congureren.
CHiermee worden de oplossingen weergegeven wanneer u problemen ondervindt.
DGebruik de knoppen
u
d
l
r
om een menu te selecteren en druk op de knop OK om naar het selecteerde menu
te gaan.
EHiermee stopt u de actieve bewerking.
F
*
Hiermee voert u getallen, tekens en symbolen in.
G
*
Hiermee wist u aantal instellingen, zoals het aantal exemplaren.
HHiermee start u een taak, zoals afdrukken of kopiëren.
IIs van toepassing op verschillende functies, afhankelijk van de situatie.
JHiermee keert u terug naar het vorige scherm.
K
*
Gaat branden wanneer ontvangen documenten die nog niet afgedrukt of opgeslagen zijn, in het geheugen van de
printer staan.
LHiermee opent u het startscherm.
* Alleen voor de ET-4800 Series/L5290 Series
Uitleg bij het bedieningspaneel
>
Bedieningspaneel
23
Conguratie van het startscherm
AGeeft de status van de netwerkverbinding weer. Zie hierna voor meer informatie.
“Uitleg bij het netwerkpictogram” op pagina 25
B
l
r
Wanneer
l
en
r
worden weergegeven, kunt u naar rechts of links bladeren door te drukken op
de knop
l
of
r
.
CHiermee wordt elk menu weergegeven.
Scannen
Hiermee kunt u documenten of foto's scannen en op een computer opslaan.
Kopiëren
Hiermee kunt u documenten kopiëren.
Fax
Hiermee kunt u faxberichten verzenden.
Stille modus
Hiermee geeft u de instelling Stille modus weer, waarmee u ervoor zorgt dat de printer minder geluid maakt. Als
u deze optie inschakelt, kan de afdruksnelheid minder zijn. Afhankelijk van de door u gekozen instellingen voor de
papiersoort en afdrukkwaliteit, merkt u mogelijk niet veel verschil in het geluid dat de printer produceert. Deze
instelling kunt u ook congureren via het menu Instel..
Instel. > Printerinstallatie > Stille modus
Instel.
Hiermee kunt u instellingen voor onderhoud, printerinstellingen en printerbewerkingen congureren.
Onderhoud
Hiermee geeft u de menu's weer die worden aanbevolen om de kwaliteit van uw afdrukken te verbeteren, zoals
het ontstoppen van de spuitmondjes door een controlepatroon van de spuitmondjes af te drukken en een
kopreiniging uit te voeren en het verbeteren van vervaging of strepen op uw afdrukken door de printkop uit te
lijnen. Deze instelling kunt u ook congureren via het menu Instel..
Instel. > Onderhoud
Wi-Fi instellen
Hiermee geeft u menu's weer voor het instellen van de printer voor gebruik in een draadloos netwerk. Deze
instelling kunt u ook congureren via het menu Instel..
Instel. > Netwerkinstellingen > Wi-Fi instellen
DHier staan de knoppen die u kunt gebruiken. In dit voorbeeld kunt u naar het geselecteerde menu gaan door op OK te
drukken.
Uitleg bij het bedieningspaneel
>
Conguratie van het startscherm
24
Uitleg bij het netwerkpictogram
De printer is niet verbonden met een bekabeld (ethernet)netwerk of de verbinding is
verbroken.
De printer is verbonden met een bekabeld (ethernet)netwerk.
De printer is niet verbonden met een draadloos (wi-)netwerk.
De printer zoekt naar een SSID, het IP-adres is niet ingesteld of er is een probleem met
het draadloze (wi-)netwerk.
De printer is verbonden met een draadloos (wi-)netwerk.
Het aantal balkjes geeft de sterkte van de verbinding weer. Hoe meer balkjes, des te
sterker de verbinding is.
De printer is niet verbonden met een draadloos (wi-)netwerk in de modus Wi-Fi Direct
(eenvoudig toegangspunt).
De printer is verbonden met een draadloos (wi-)netwerk in de modus Wi-Fi Direct
(eenvoudig toegangspunt).
Tekens invoeren
Als u via het bedieningspaneel tekens en symbolen wilt invoeren voor de netwerkinstellingen en het registreren
van contactpersonen, gebruikt u de knoppen
u
,
d
,
l
en
r
en het sowaretoetsenbord op het lcd-scherm. Druk
op de knop
u
,
d
,
l
of
r
om op het toetsenbord een teken of functietoets te selecteren en druk vervolgens op de
knop OK. Wanneer u klaar bent met het invoeren van tekens, selecteert u OK en drukt u vervolgens op de knop
OK.
Functieknop Beschrijvingen
l
r
Hiermee verplaatst u de cursor naar links of rechts.
A 1 # Hiermee schakelt u tussen tekentypes. U kunt alfanumerieke tekens of symbolen gebruiken.
U kunt ook schakelen met de knop .
Hiermee typt u een spatie.
Hiermee wist u het teken links van de cursor (Backspace).
Uitleg bij het bedieningspaneel
>
Tekens invoeren
25
Functieknop Beschrijvingen
OK Hiermee voert u de geselecteerde tekens in.
Animaties bekijken
Op het lcd-scherm kunt u animaties bekijken van bedieningsinstructies, zoals het laden van papier of het
verwijderen van vastgelopen papier.
Druk op de knop . Het Helpscherm wordt weergegeven. Selecteer Hoe en selecteer vervolgens de items die u
wilt bekijken.
Selecteer Hoe onderaan het bedieningsscherm. De contextgevoelige animatie wordt weergegeven.
Uitleg bij het bedieningspaneel
>
Animaties bekijken
26
Papier laden
Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking.............................28
Instellingen voor het papierformaat en de papiersoort........................28
Papier laden in de papierinvoer achterzijde................................30
Enveloppen laden in de papierinvoer achterzijde............................32
Verschillende soorten papier laden......................................33
Dit scherm wordt niet weergegeven als Autom. weerg. pap inst. is uitgeschakeld. Als u deze functie uitschakelt,
kunt u niet afdrukken vanaf een iPhone of iPad met AirPrint.
Als het weergegeven papierformaat en papiertype verschillen van het geladen papier, wijzigt u de instellingen voor
het papierformaat en -type en bevestigt u ze vervolgens.
Opmerking:
Selecteer Instel. > Printerinstallatie > Instellingen papierbron > Papierinstelling om het instellingenscherm met het
papierformaat en -type weer te geven.
Lijst met papiersoorten
Selecteer de papiersoort die bij het papier past voor optimale afdrukresultaten.
Medianaam Afdrukmateriaal
Bedieningspaneel Printerstuurprogramma
Epson Bright White Ink Jet Paper Gewoon papier Gewoon papier
Epson Ultra Glossy Photo Paper
Epson Value Glossy Photo Paper
Ultra Glossy Epson Ultra Glossy
Epson Premium Glossy Photo Paper Prem. Glossy Epson Premium Glossy
Epson Premium Semigloss Photo Paper Premium Semigloss Epson Premium Semigloss
Epson Photo Paper Glossy Glans Photo Paper Glossy
Epson Matte Paper-Heavyweight
Epson Double-Sided Matte Paper
Matte Epson Matte
Epson Photo Quality Ink Jet Paper
Epson Double-sided Photo Quality Ink Jet
Paper
Photo Quality Ink Jet Epson Photo Quality Ink Jet
Papier laden
>
Instellingen voor het papierformaat en de papiersoort
>
Lijst met papiersoorten
29
Papier laden in de papierinvoer achterzijde
1. Trek de papiersteun naar buiten.
ET-4800 Series/L5290 Series
ET-2820 Series/L3260 Series
2. Verschuif de zijgeleiders.
3. Laad papier in het midden van de papiersteun met de afdrukzijde naar boven.
Papier laden
>
Papier laden in de papierinvoer achterzijde
30
c
Belangrijk:
Laad niet meer dan het maximale aantal vellen dat voor het papier is opgegeven. Let er bij gewoon papier
op dat het niet boven de streep net onder het symbool
d
aan de binnenzijde van de geleider komt.
Laad het papier met de kortste zijde eerst. Als u de papiergrootte echter hebt ingesteld op de breedte van de
lange zijde, laad dan eerst de lange zijde van het papier.
4. Schuif de zijgeleiders tegen de randen van het papier aan.
ET-2820 Series/L3260 Series: sluit de invoerbeveiliging na het verschuiven van de zijgeleiders.
c
Belangrijk:
ET-2820 Series/L3260 Series: plaats geen voorwerpen op de invoerbeveiliging. Hierdoor wordt mogelijk
verhinderd dat het papier wordt ingevoerd.
5. Selecteer het papierformaat en de papiersoort.
6. Schuif de uitvoerlade uit.
Opmerking:
Plaats het resterende papier terug in de verpakking. Als u het in de printer laat, kan het papier omkrullen of kan de
afdrukkwaliteit achteruitgaan.
Gerelateerde informatie
&“Instellingen voor het papierformaat en de papiersoort” op pagina 28
Papier laden
>
Papier laden in de papierinvoer achterzijde
31
Enveloppen laden in de papierinvoer achterzijde
1. Trek de papiersteun naar buiten.
ET-4800 Series/L5290 Series
ET-2820 Series/L3260 Series
2. Verschuif de zijgeleiders.
3. Laad enveloppen met de korte zijde eerste in het midden van de papiersteun met de ap omlaag gericht.
Papier laden
>
Enveloppen laden in de papierinvoer achterzijde
32
c
Belangrijk:
Laad niet meer dan het maximale aantal vellen die voor de enveloppen zijn opgegeven.
4. Schuif de zijgeleiders tegen de randen van de enveloppen aan.
ET-2820 Series/L3260 Series: sluit de invoerbeveiliging na het verschuiven van de zijgeleiders.
c
Belangrijk:
ET-2820 Series/L3260 Series: plaats geen voorwerpen op de invoerbeveiliging. Hierdoor wordt mogelijk
verhinderd dat het papier wordt ingevoerd.
5. Selecteer het papierformaat en de papiersoort.
6. Schuif de uitvoerlade uit.
Gerelateerde informatie
&“Instellingen voor het papierformaat en de papiersoort” op pagina 28
Verschillende soorten papier laden
Geperforeerd papier afdrukken
Plaats papier bij de markering in het midden van de papiersteun met de afdrukzijde naar boven.
Papier laden
>
Verschillende soorten papier laden
>
Geperforeerd papier afdrukken
33
Laad een enkel vel van een opgegeven formaat gewoon papier met perforaties aan de linker- of rechterzijde. Pas de
afdrukpositie van uw bestand aan, zodat u niet over de perforaties heen afdrukt.
Lang papier laden
Als u papier laadt dat langer is dan het formaat Legal, bergt u de papiersteun op en maakt u de voorrand van het
papier vlak.
Papier laden
>
Verschillende soorten papier laden
>
Lang papier laden
34
Originelen plaatsen
Originelen die niet door de ADF worden ondersteund....................... 36
Originelen op de ADF plaatsen........................................36
Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen............................... 37
Originelen die niet door de ADF worden ondersteund
c
Belangrijk:
Voer geen foto's of waardevolle originele kunstwerken in de ADF in. Door verkeerd invoeren kan het origineel
kreuken of beschadigd raken. Scan deze documenten in plaats daarvan op de scannerglasplaat.
Vermijd het gebruik van de volgende originelen in de ADF om storingen te voorkomen. Gebruik voor deze typen
de scannerglasplaat.
Originelen die gescheurd, gevouwen, gekreukeld, beschadigd of omgekruld zijn
Originelen met perforatiegaten
Originelen die bijeen worden gehouden met plakband, nietjes, paperclips enz.
Originelen met stickers of labels
Originelen die onregelmatig gesneden zijn of niet in de juiste lijn liggen
Originelen die aan elkaar gebonden zijn
Transparanten, thermisch papier of doordrukpapier
Originelen op de ADF plaatsen
1. Lijn de randen van het papier uit.
2. Schuif de zijgeleider van de ADF naar buiten.
3. Plaats de originelen met de afdrukzijde naar boven en de korte kant naar voren in de ADF en schuif de
zijgeleider van de ADF tegen de originelen.
Originelen plaatsen
>
Originelen op de ADF plaatsen
36
c
Belangrijk:
Laad de originelen niet tot boven de streep met het driehoekje op de ADF.
Plaats tijdens het scannen geen nieuwe originelen.
Gerelateerde informatie
&“Specicaties voor ADF” op pagina 279
Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen
1. Open de documentkap.
2. Gebruik een zachte, droge en schone doek om stof of vlekken van het oppervlak van de scannerglasplaat te
verwijderen.
Opmerking:
Als er stof of vuil op de scannerglasplaat zit, kan het scanbereik worden vergroot om het mee te nemen, waardoor de
aeelding van het origineel kan verschuiven of kleiner kan worden.
Originelen plaatsen
>
Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen
37
3. Plaats het origineel met de bedrukte zijde omlaag en duw het tegen de hoekmarkering.
Opmerking:
De eerste 1,5 mm vanaf de hoek van de scannerglasplaat wordt niet gescand.
Als er originelen in de ADF en op de scannerglasplaat zijn geplaatst, wordt er prioriteit gegeven aan de originelen in
de ADF.
4. Sluit het deksel voorzichtig.
!
Let op:
Pas bij het sluiten van de documentkap op dat uw vingers niet klem komen te zitten. Anders kunt u zich
verwonden.
c
Belangrijk:
Wanneer u omvangrijke originelen zoals boeken plaatst, zorg er dan voor dat er geen extern licht op de
scannerglasplaat schijnt.
Oefen niet te veel kracht uit op de scannerglasplaat of de documentkap. Deze kunnen anders beschadigd
raken.
5. Verwijder de originelen na het scannen.
Opmerking:
Als u de originelen langdurig op de scannerglasplaat laat liggen, kunnen ze aan het oppervlak van het glas kleven.
Gerelateerde informatie
&“Scannerspecicaties” op pagina 279
Originelen plaatsen
>
Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen
38
Documenten afdrukken
Afdrukken vanaf een computer — Windows
Afdrukken met eenvoudige instellingen
Opmerking:
Bewerkingen kunnen aankelijk van de toepassing verschillen. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
1. Laad papier in de printer.
“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Selecteer Afdrukken of Afdrukinstelling in het menu Bestand.
4. Selecteer uw printer.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
40
5. Selecteer Vo orkeuren of Eigenschappen om het venster van het printerstuurprogramma te openen.
6. Wijzig indien nodig de instellingen.
U kunt de online-Help raadplegen voor een uitleg van de instellingsitems. Als u met de rechtermuisknop op
een item klikt, wordt Help weergegeven.
7. Klik op OK om het venster van het printerstuurprogramma te sluiten.
8. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 253
&“Lijst met papiersoorten” op pagina 29
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
41
Voorinstellingen voor afdrukken toevoegen voor eenvoudig afdrukken
Als u uw eigen voorinstelling maakt van vaak gebruikte instellingen, kunt u snel afdrukken door deze
voorinstelling in de lijst te selecteren.
1. Stel op het tabblad Hoofdgroep of Meer opties van het printerstuurprogramma elk item in (zoals
documentformaat en Papiertype).
2. Klik op Voorinstellingen toevoegen/verwijderen in Voorkeursinstellingen.
3. Voer een Naam in en voer eventueel een opmerking in.
4. Klik op Opslaan.
Opmerking:
Als u een toegevoegde voorinstelling wilt verwijderen, klikt u op Voorinstellingen toevoegen/verwijderen, waarna u de
naam selecteert van de desbetreende voorinstelling en deze verwijdert.
5. Klik op Druk af.
De volgende keer dat u met dezelfde instelling wilt afdrukken, selecteert u de naam van de geregistreerde instelling
in Voorkeursinstellingen en klikt u op OK.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
42
Dubbelzijdig afdrukken
Het printerstuurprogramma drukt even en oneven pagina's automatisch gescheiden af. Wanneer de oneven
pagina's zijn afgedrukt, draait u het papier om volgens de instructies en drukt u de even pagina's af.
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
Als u geen papier gebruikt dat geschikt is voor dubbelzijdig afdrukken, kan de afdrukkwaliteit achteruitgaan en kan het
papier vastlopen.
“Papier voor dubbelzijdig afdrukken” op pagina 255
Aankelijk van het papier en de gegevens, kan inkt doorlekken naar de andere zijde van het papier.
U kunt niet handmatig dubbelzijdig afdrukken als EPSON Status Monitor 3 niet is ingeschakeld. Als EPSON Status
Monitor 3 is uitgeschakeld, opent u het venster van het printerstuurprogramma, klikt u op Extra instellingen op het
tabblad Hulpprogramma's en selecteert u EPSON Status Monitor 3 inschakelen.
De functie is echter mogelijk niet beschikbaar wanneer de printer wordt gebruikt via een netwerk of als een gedeelde
printer.
1. Selecteer op het tabblad Hoofdgroep van het printerstuurprogramma de methode Dubbelzijdig afdrukken.
2. Klik op Instellingen, congureer de instellingen en klik op OK.
3. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
4. Klik op Druk af.
Wanneer de eerste zijde klaar is, verschijnt er een pop-upvenster op de computer. Volg de instructies op het
scherm.
Gerelateerde informatie
&“Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 253
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
43
Een brochure afdrukken
U kunt ook een brochure afdrukken door de pagina's te herschikken en de afdruk te vouwen.
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
Als u geen papier gebruikt dat geschikt is voor dubbelzijdig afdrukken, kan de afdrukkwaliteit achteruitgaan en kan het
papier vastlopen.
“Papier voor dubbelzijdig afdrukken” op pagina 255
Aankelijk van het papier en de gegevens, kan inkt doorlekken naar de andere zijde van het papier.
U kunt niet handmatig dubbelzijdig afdrukken als EPSON Status Monitor 3 niet is ingeschakeld. Als EPSON Status
Monitor 3 is uitgeschakeld, opent u het venster van het printerstuurprogramma, klikt u op Extra instellingen op het
tabblad Hulpprogramma's en selecteert u EPSON Status Monitor 3 inschakelen.
De functie is echter mogelijk niet beschikbaar wanneer de printer wordt gebruikt via een netwerk of als een gedeelde
printer.
1. Selecteer op het tabblad Hoofdgroep van het printerstuurprogramma bij Dubbelzijdig afdrukken op welke
manier u de lange rand wilt inbinden.
2. Klik op Instellingen, selecteer Boekje en selecteer vervolgens In midden binden of Aan zijkant binden.
In midden binden: gebruik deze methode wanneer u een klein aantal pagina's afdrukt die eenvoudig
kunnen worden gestapeld en dubbelgevouwen.
Aan zijkant binden. Gebruik deze methode wanneer u één vel (vier pagina's) per keer afdrukt en
dubbelvouwt om ze daarna allemaal samen te voegen.
3. Klik op OK.
4. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
5. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 253
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
44
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Meerdere pagina's op één vel afdrukken
U kunt meerdere pagina's met gegevens op één vel papier afdrukken.
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
1. Selecteer op het tabblad Hoofdgroep van het printerstuurprogramma de optie 2-omhoog, 4-omhoog, 6 per
vel, 8-omhoog, 9 per vel of 16 per vel bij de instelling Meerdere pagina's.
2. Klik op Layout-volg., congureer de instellingen en klik op OK.
3. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
4. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
45
Afdruk aanpassen aan papierformaat
Selecteer het papierformaat dat u in de printer hebt geplaatst als de instelling voor Doelpapierformaat.
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
1. Stel op het tabblad Meer opties van het printerstuurprogramma het volgende in.
documentformaat: selecteer het formaat van het papier dat u in de toepassing hebt ingesteld.
Uitvoerpapier: selecteer het papierformaat dat u in de printer hebt geplaatst.
Volledige pagina wordt automatisch geselecteerd.
Opmerking:
Klik op Centreren om de verkleinde aeelding in het midden van het papier af te drukken.
2. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
3. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
46
Een afbeelding vergroot afdrukken op meerdere vellen (een poster maken)
Met deze functie kunt u één aeelding afdrukken op meerdere vellen papier. U kunt een grotere poster maken
door ze samen te plakken.
1. Selecteer op het tabblad Hoofdgroep van het printerstuurprogramma de optie 2x1 Poster, 2x2 Poster, 3x3
Poster of 4x4 Poster bij de instelling Meerdere pagina's.
2. Klik op Instellingen, congureer de instellingen en klik op OK.
Opmerking:
Snijlijnen afdrukken met deze optie kunt u een snijlijn afdrukken.
3. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
4. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
48
Posters met overlappende uitlijnmarkeringen maken
In dit voorbeeld ziet u hoe u een poster maakt wanneer 2x2 Poster geselecteerd is en Overlappende
uitlijningstekens geselecteerd is bij Snijlijnen afdrukken.
1. Prepareer Sheet 1 en Sheet 2. Knip de marges van Sheet 1 langs de verticale blauwe lijn door het midden van
de kruisjes boven en onder.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
49
2. Plaats de rand van Sheet 1 op Sheet 2 en lijn de kruisjes uit. Plak de twee vellen aan de achterkant voorlopig
aan elkaar vast.
3. Knip de vastgeplakte vellen in twee langs de verticale rode lijn door de uitlijningstekens (ditmaal door de lijn
links van de kruisjes).
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
50
4. Plak de vellen aan de achterkant aan elkaar.
5. Herhaal stap 1 t/m 4 om Sheet 3 en Sheet 4 aan elkaar te plakken.
6. Knip de marges van Sheet 1 en Sheet 2 angs de horizontale blauwe lijn door het midden van de kruisjes aan de
linker- en rechterkant.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
51
7. Plaats de rand van Sheet 1 en Sheet 2 op Sheet 3 en Sheet 4 en lijn de kruisjes uit. Plak de vellen dan voorlopig
aan de achterkant aan elkaar.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
52
8. Knip de vastgeplakte vellen in twee langs de horizontale rode lijn door de uitlijningstekens (ditmaal door de
lijn boven de kruisjes).
9. Plak de vellen aan de achterkant aan elkaar.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
53
2. Klik op Instellingen, selecteer vervolgens de items die u wilt afdrukken en klik op OK.
Opmerking:
Selecteer Paginanummer om het eerste paginanummer op te geven vanaf de afdrukpositie in de kop- of voettekst en
selecteer vervolgens het nummer bij Beginnummer.
Als u tekst wilt afdrukken in de kop- of voettekst, selecteert u de afdrukpositie en vervolgens Tekst . Voer in het
tekstinvoerveld de tekst in die u wilt afdrukken.
3. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
4. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Een watermerk afdrukken
U kunt een watermerk, bijvoorbeeld "Vertrouwelijk", of een antikopieerpatroon op uw documenten afdrukken. Als
u een antikopieerpatroon afdrukt, verschijnen de verborgen letters wanneer het document wordt gekopieerd, om
het origineel te onderscheiden van de kopieën.
Antikopieerpatroon is beschikbaar als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
Papiertype: Gewoon papier
Randloos: niet geselecteerd
Kwaliteit: Standaard
Dubbelzijdig afdrukken: Uit, Handmatig (binden langs lange zijde) of Handmatig (binden langs korte zijde)
Kleurcorrectie: Automatisch
Breedlopend papier: niet geselecteerd
Opmerking:
U kunt ook uw eigen watermerk of antikopieerpatroon toevoegen.
1. Klik op het tabblad Meer opties in het printerstuurprogramma op Watermerkfunc ties en selecteer vervolgens
Antikopieerpatroon of Watermerk.
2. Klik op Instellingen om details te wijzigen zoals het formaat, de dichtheid of de positie van het watermerk.
3. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
4. Klik op Druk af.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
55
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Meerdere bestanden tegelijkertijd afdrukken
Met Taken indelen Lite kunt u meerdere bestanden die door verschillende toepassingen zijn gemaakt combineren
en als één afdruktaak afdrukken. U kunt de afdrukinstellingen, zoals de lay-out voor meerdere pagina's en
dubbelzijdig afdrukken, voor gecombineerde bestanden congureren.
1. Selecteer op het tabblad Hoofdgroep van het printerstuurprogramma de optie Taken indelen Lite.
2. Klik op Druk af.
Als u begint met afdrukken wordt het venster Taken indelen Lite weergegeven.
3. Open het bestand dat u met het huidige bestand wilt combineren terwijl het venster Taken indelen Lite
openstaat. Herhaal vervolgens de bovenstaande stappen.
4. Wanneer u een afdruktaak selecteert die is toegevoegd aan Afdrukproject Lite in het venster Taken indelen
Lite, kunt u de paginalay-out bewerken.
5. Klik op Afdrukken in het menu Bestand om het afdrukken te starten.
Opmerking:
Als u het venster Taken indelen Lite sluit voordat alle afdrukgegevens zijn toegevoegd aan het Afdrukproject, wordt de
afdruktaak waaraan u werkt geannuleerd. Klik op Opslaan in het menu Bestand om de huidige taak op te slaan. De
bestandsextensie van de opgeslagen bestanden is “ecl”.
Als u een afdrukproject wilt openen, klikt u op Taken indelen Lite op het tabblad Hulpprogramma's van het
printerstuurprogramma.om het venster Job Arranger Lite te openen. Selecteer vervolgens Openen in het menu Bestand
om het bestand te selecteren.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
56
Afdrukken met de afdrukfunctie Universele kleuren
U kunt de zichtbaarheid van tekst en aeeldingen op afdrukken verbeteren.
Color Universal afdrukken is alleen beschikbaar als de volgende instellingen zijn geselecteerd.
Papiertype: Gewoon papier
Kwaliteit: Standaard of een hogere kwaliteit
Kleur: Kleur
Toepassingen: Microso® Oce 2007 of nieuwer
Tekstgrootte: 96-punts of kleiner
1. Klik op het tabblad Meer opties van het printerstuurprogramma op de optie Aeeldingsopties in de
instelling voor Kleurcorrectie.
2. Selecteer een optie in de instelling Color Universal afdrukken.
3. Klik op Verb eteropties om verdere instellingen te congureren.
4. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
5. Klik op Druk af.
Opmerking:
Sommige tekens zijn mogelijk gewijzigd in patronen, zoals "+" dat wordt weergegeven als "±".
Met deze instellingen kunnen toepassingsspecieke patronen en onderstrepingen de afgedrukte inhoud wijzigen.
De afdrukkwaliteit kan afnemen voor foto's en andere aeeldingen wanneer u de Color Universal afdrukken-
instellingen gebruikt.
Als u Color Universal afdrukken-instellingen gebruikt, wordt het afdrukken vertraagd.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
57
De afdrukkleur aanpassen
U kunt de kleuren aanpassen die voor een afdruktaak worden gebruikt. Deze aanpassingen worden niet
doorgevoerd in de oorspronkelijke gegevens.
PhotoEnhance gee scherpere afdrukken en levendigere kleuren door aanpassing van het contrast, de verzadiging
en de helderheid van de oorspronkelijke aeeldingsgegevens.
Opmerking:
PhotoEnhance past de kleur aan door de locatie van het onderwerp te analyseren. Als u de locatie van het onderwerp hebt
gewijzigd door verkleinen, vergroten, bijsnijden of roteren, kan de kleur onverwacht veranderen. Wanneer u de instelling
voor randloos selecteert, wordt de locatie van het onderwerp ook gewijzigd, wat in kleurwijzigingen resulteert. Als de
aeelding niet is scherpgesteld, is de kleurtoon mogelijk onnatuurlijk. Als de kleur is gewijzigd of onnatuurlijk is geworden,
druk dan niet in PhotoEnhance maar in een andere modus af.
1. Selecteer op het tabblad Meer opties in het printerstuurprogramma de methode voor kleurcorrectie in de
instelling Kleurcorrectie.
Automatisch: met deze instelling wordt de toon automatisch aangepast aan de instellingen voor de
papiersoort en de afdrukkwaliteit.
Aangepast: klik op Geavanceerd als u uw eigen instellingen wilt opgeven.
2. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
3. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Dunne lijnen benadrukken tijdens het afdrukken
Lijnen die te dun zijn om af te drukken, kunnen dikker worden gemaakt.
1. Klik op het tabblad Meer opties van het printerstuurprogramma op de optie Aeeldingsopties in de
instelling voor Kleurcorrectie.
2. Selecteer Dunne lijnen benadrukken.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
58
3. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
4. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Duidelijke streepjescodes afdrukken
U kunt een streepjescode duidelijk afdrukken, zodat deze eenvoudig kan worden gescand. Schakel deze functie
alleen in als de streepjescode die u hebt afgedrukt niet kan worden gescand.
Onder de volgende voorwaarden kunt u deze functie gebruiken.
Papiertype: Gewoon papier, Enveloppe
Kwaliteit: Standaard
1. Klik op het tabblad Hulpprogramma's in het printerstuurprogramma op Extra instellingen en selecteer
vervolgens Streepjescodemodus.
2. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik vervolgens op OK.
3. Klik op Druk af.
Opmerking:
Aankelijk van de omstandigheden is het opheen van wazigheid soms niet mogelijk.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 40
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Windows
59
Meerdere pagina's op één vel afdrukken
U kunt meerdere pagina's met gegevens op één vel papier afdrukken.
1. Selecteer Lay-out in het venstermenu.
2. Stel het aantal pagina's in Pagina's per vel, de Richting van indeling (paginavolgorde) en Randen in.
3. Geef naar wens nog meer instellingen op.
4. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 60
Afdruk aanpassen aan papierformaat
Selecteer het papierformaat dat u in de printer hebt geplaatst als de instelling voor Doelpapierformaat.
1. Selecteer het papierformaat van het papier dat u in de toepassing als Papierformaat hebt ingesteld.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Mac OS
62
2. Selecteer Papierverwerking in het venstermenu.
3. Selecteer Aanpassen aan papierformaat.
4. Selecteer het papierformaat dat u in de printer hebt geplaatst als de instelling voor Doelpapierformaat.
5. Geef naar wens nog meer instellingen op.
6. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 60
Een verkleind of vergroot document op elke vergroting afdrukken
U kunt het formaat van een document met een speciek percentage verkleinen of vergroten.
1. Selecteer Afdrukken in het menu Bestand of een andere opdracht om het afdrukdialoogvenster te openen.
2. Selecteer Pagina-instelling in het menu Bestand van de toepassing.
3. Selecteer Printer, Papierformaat, voer het percentage inbij Schalen en klik vervolgens op OK.
Opmerking:
Selecteer het papierformaat dat u in de toepassing hebt ingesteld bij Doelpapierformaat.
4. Geef naar wens nog meer instellingen op.
5. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 60
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Afdrukken vanaf een computer — Mac OS
63
De afdrukkleur aanpassen
U kunt de kleuren aanpassen die voor een afdruktaak worden gebruikt. Deze aanpassingen worden niet
doorgevoerd in de oorspronkelijke gegevens.
PhotoEnhance gee scherpere afdrukken en levendigere kleuren door aanpassing van het contrast, de verzadiging
en de helderheid van de oorspronkelijke aeeldingsgegevens.
Opmerking:
PhotoEnhance past de kleur aan door de locatie van het onderwerp te analyseren. Als u de locatie van het onderwerp hebt
gewijzigd door verkleinen, vergroten, bijsnijden of roteren, kan de kleur onverwacht veranderen. Wanneer u de instelling
voor randloos selecteert, wordt de locatie van het onderwerp ook gewijzigd, wat in kleurwijzigingen resulteert. Als de
aeelding niet is scherpgesteld, is de kleurtoon mogelijk onnatuurlijk. Als de kleur is gewijzigd of onnatuurlijk is geworden,
druk dan niet in PhotoEnhance maar in een andere modus af.
1. Selecteer Kleuren aanpassen in het snelmenu en selecteer vervolgens EPSON Kleurencontrole.
2. Selecteer Kleurenopties in het snelmenu en selecteer dan één van de beschikbare opties.
3. Klik op de pijl naast Extra instellingen en kies de juiste instellingen.
4. Geef naar wens nog meer instellingen op.
5. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
&“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
&“Afdrukken met eenvoudige instellingen” op pagina 60
Documenten afdrukken vanaf smart devices (iOS)
U kunt documenten afdrukken vanaf een smart device, zoals een smartphone of tablet.
Documenten afdrukken met Epson Smart Panel
Opmerking:
Bewerkingen kunnen aankelijk van het apparaat verschillen.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Documenten afdrukken vanaf smart devices (iOS)
64
1. Stel de printer in om draadloos afdrukken mogelijk te maken.
2. Installeer Epson Smart Panel als dit niet is geïnstalleerd.
“Toepassing voor het gemakkelijk bedienen van de printer vanaf een smart-apparaat (Epson Smart Panel)” op
pagina 260
3. Verbind uw smart device met de draadloze router.
4. Start Epson Smart Panel.
5. Selecteer op het startscherm het menu voor het afdrukken van documenten.
6. Selecteer het document dat u wilt afdrukken.
7. Start het afdrukken.
AirPrint gebruiken
AirPrint maakt draadloos afdrukken vanaf iPhone, iPad, iPod touch en Mac mogelijk zonder installatie van de
nieuwste stuurprogramma's of sowaredownloads.
Opmerking:
Als u de meldingen voor de papierconguratie op het bedieningspaneel van uw apparaat hebt uitgeschakeld, kunt u AirPrint
niet gebruiken. Volg de onderstaande koppeling om de meldingen zo nodig in te schakelen.
1. Laad papier in uw apparaat.
2. Stel uw apparaat correct in om draadloos afdrukken mogelijk te maken. Raadpleeg de onderstaande koppeling.
http://epson.sn
3. Verbind uw Apple-apparaat met hetzelfde draadloze netwerk dat uw apparaat gebruikt.
4. Druk vanaf uw toestel af op uw apparaat.
Opmerking:
Raadpleeg voor meer informatie de pagina over AirPrint op de Apple-website.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Documenten afdrukken vanaf smart devices (iOS)
65
Documenten afdrukken vanaf smart devices (Android)
U kunt documenten afdrukken vanaf een smart device, zoals een smartphone of tablet.
Documenten afdrukken met Epson Smart Panel
Opmerking:
Bewerkingen kunnen aankelijk van het apparaat verschillen.
1. Stel de printer in om draadloos afdrukken mogelijk te maken.
2. Installeer Epson Smart Panel als dit niet is geïnstalleerd.
“Toepassing voor het gemakkelijk bedienen van de printer vanaf een smart-apparaat (Epson Smart Panel)” op
pagina 260
3. Verbind uw smart device met de draadloze router.
4. Start Epson Smart Panel.
5. Selecteer op het startscherm het menu voor het afdrukken van documenten.
6. Selecteer het document dat u wilt afdrukken.
7. Start het afdrukken.
Documenten afdrukken met Epson Print Enabler
U kunt draadloos documenten, e-mails, foto's en webpagina's afdrukken vanaf uw Android-telefoon of -tablet
(Android v4.4 of hoger). Met enkele tikken laat u uw Android-apparaat een Epson-printer detecteren die met
hetzelfde draadloze netwerk is verbonden.
Opmerking:
Bewerkingen kunnen aankelijk van het apparaat verschillen.
1. Stel de printer in om draadloos afdrukken mogelijk te maken.
2. Installeer vanuit Google Play de Epson Print Enabler-invoegtoepassing op uw Android-apparaat.
3. Verbind uw Android-apparaat met hetzelfde draadloze netwerk dat de printer gebruikt.
4. Ga naar Instellingen op uw Android-apparaat, selecteer Afdrukken en schakel Epson Print Enabler in.
Afdrukken
>
Documenten afdrukken
>
Documenten afdrukken vanaf smart devices (Android)
66
5. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik dan op OK.
6. Klik op Druk af.
Afdrukken op enveloppen vanaf een computer (Mac OS)
1. Laad enveloppen in de printer.
“Enveloppen laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 32
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Selecteer Afdrukken in het menu Bestand of een andere opdracht om het afdrukdialoogvenster te openen.
4. Selecteer het formaat bij de instelling Papierformaat.
5. Selecteer Printerinstellingen in het venstermenu.
6. Selecteer Enveloppe bij de instelling Afdrukmateriaal.
7. Geef naar wens nog meer instellingen op.
8. Klik op Druk af.
Webpagina's afdrukken
Webpagina's afdrukken vanaf een computer
Met Epson Photo+ kunt u webpagina's weergeven, het opgegeven gebied bijsnijden, en ze vervolgens bewerken en
afdrukken. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
Webpagina's afdrukken vanaf smart devices
Opmerking:
Bewerkingen kunnen aankelijk van het apparaat verschillen.
1. Stel de printer in om draadloos afdrukken mogelijk te maken.
2. Installeer Epson Smart Panel als dit niet is geïnstalleerd.
“Toepassing voor het gemakkelijk bedienen van de printer vanaf een smart-apparaat (Epson Smart Panel)” op
pagina 260
3. Verbind uw smart device met hetzelfde draadloze netwerk dat de printer gebruikt.
4. Open in uw webbrowser de webpagina die u wilt afdrukken.
Afdrukken
>
Webpagina's afdrukken
>
Webpagina's afdrukken vanaf smart devices
68
5. Tik op Delen in het menu van de webbrowser.
6. Selecteer Smart Panel.
7. Tik op Druk af.
Afdrukken via een cloudservice
Dankzij Epson Connect (beschikbaar via het internet) kunt u via uw smartphone, tablet, pc of laptop, altijd en
praktisch overal afdrukken. Als u deze service wilt gebruiken, moet u de gebruiker en de printer registeren in
Epson Connect.
De functies die via het internet beschikbaar zijn, zijn als volgt.
Email Print
Wanneer u een e-mail met bijlagen, bijvoorbeeld documenten of aeeldingen, verzendt naar een e-mailadres
dat aan de printer is toegewezen, kunt u de betreende e-mail en de bijlagen afdrukken op een externe locatie,
zoals uw printer thuis of op kantoor.
Epson iPrint
Deze toepassing is voor iOS en Android en maakt het mogelijk vanaf een smartphone of tablet af te drukken of
te scannen. U kunt documenten, aeeldingen en websites afdrukken door deze rechtstreeks naar een printer in
hetzelfde draadloze LAN te verzenden.
Remote Print Driver
Dit is een gedeeld stuurprogramma dat wordt ondersteund door Remote Print Driver. Wanneer u afdrukt op
een printer op een externe locatie, kunt u afdrukken in het normale venster van de toepassing een andere
printer te selecteren.
Zie de Epson Connect-webportal voor meer informatie over congureren en afdrukken.
https://www.epsonconnect.com/
Afdrukken
>
Afdrukken via een cloudservice
69
http://www.epsonconnect.eu (alleen Europa)
Vanaf het bedieningspaneel registreren bij Epson Connect Service
Volg de onderstaande stappen om de printer te registreren.
1. Selecteer Instel. op het bedieningspaneel.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
2. Selecteer Epson Connect- services > Registr./verwijderen om het registratieblad af te drukken.
3. Volg de instructies op het registratievel om de printer te registreren.
Afdrukken
>
Afdrukken via een cloudservice
>
Vanaf het bedieningspaneel registreren bij Epson Connect Service
70
Kopiëren
Beschikbare kopieermethoden.........................................72
Menuopties voor kopiëren............................................78
Beschikbare kopieermethoden
Plaats de originelen op de scannerglasplaat of in de ADF en selecteer het menu Kopiëren op het startscherm.
Originelen kopiëren
In dit gedeelte wordt uitgelegd hoe u originelen kunt kopiëren via het menu Kopiëren op het bedieningspaneel.
1. Laad papier in de printer.
“Papier laden in de papierinvoer achterzijde” op pagina 30
2. Plaats de originelen.
Als u meerdere originelen wilt scannen, plaatst u alle originelen op de ADF.
“Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen” op pagina 37
“Originelen op de ADF plaatsen” op pagina 36
3. Selecteer Kopiëren op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
4. Stel het aantal kopieën in.
5. Selecteer of u wilt kopiëren in kleur of zwart-wit.
Kopiëren
>
Beschikbare kopieermethoden
>
Originelen kopiëren
72
6. Druk op de knop "OK" om de afdrukinstellingen weer te geven en te controleren en wijzig indien nodig de
instellingen.
Als u de instellingen wilt wijzigen, drukt u op de knop
d
. Selecteer het instellingenmenu met de knop
u
of
d
en pas de instellingen vervolgens aan met de knop
l
of
r
. Wanneer u klaar bent, drukt u op de knop "OK".
7. Druk op de knop
x
.
Kopiëren door te vergroten of verkleinen
U kunt originelen op een opgegeven vergroting kopiëren.
1. Plaats de originelen.
Als u meerdere originelen wilt scannen, plaatst u alle originelen op de ADF.
“Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen” op pagina 37
“Originelen op de ADF plaatsen” op pagina 36
2. Selecteer Kopiëren op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
3. Stel het aantal kopieën in.
4. Selecteer of u wilt kopiëren in kleur of zwart-wit.
5. Druk op de knop "OK" en druk vervolgens op de knop
d
.
Kopiëren
>
Beschikbare kopieermethoden
>
Kopiëren door te vergroten of verkleinen
73
6. Selecteer Vergroot/Verklein met de knop
u
of
d
en wijzig de vergroting vervolgens met de knop
l
of
r
.
Opmerking:
Als u het document bij het kopiëren met een bepaald percentage wilt vergroten of verkleinen, selecteert u Aangepast bij
Ve r g ro ot/Ve r kle in . Druk op de knop
d
en druk vervolgens op de knop
r
. Geef de mate van vergroting of verkleining
op.
7. Druk op de knop "OK" en druk vervolgens op de knop
x
.
Meerdere originelen kopiëren naar één vel
U kunt meerdere originelen op één vel papier kopiëren.
1. Plaats alle originelen in de ADF met de te kopiëren zijde naar boven.
“Originelen op de ADF plaatsen” op pagina 36
Plaats ze in de aeelding getoonde richting.
Originelen staand
Originelen liggend
c
Belangrijk:
Als u originelen wilt kopiëren die niet door de ADF worden ondersteund, gebruikt u de scannerglasplaat.
“Originelen die niet door de ADF worden ondersteund” op pagina 36
Opmerking:
U kunt de originelen ook op de scannerglasplaat leggen.
Kopiëren
>
Beschikbare kopieermethoden
>
Meerdere originelen kopiëren naar één vel
74
Originelen staand
Originelen liggend
2. Selecteer Kopiëren op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
3. Stel het aantal kopieën in.
4. Selecteer of u wilt kopiëren in kleur of zwart-wit.
5. Druk op de knop "OK" en druk vervolgens op de knop
d
.
Kopiëren
>
Beschikbare kopieermethoden
>
Meerdere originelen kopiëren naar één vel
75
6. Selecteer Meerdere pagina's met de knoppen
u
d
en druk dan op de knop
r
.
7. Selecteer 2-omhoog.
8. Geef de layout-volgorde en afdrukstand van het origineel op en druk dan op de knop OK.
9. Druk op de knop
x
.
Identiteitskaart kopiëren
Scant beide zijden van een identiteitskaart en kopieert ze naar één zijde van een A4.
1. Selecteer Kopiëren op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
2. Stel het aantal kopieën in.
3. Selecteer of u wilt kopiëren in kleur of zwart-wit.
4. Druk op de knop "OK" en druk vervolgens op de knop
d
.
5. Selecteer ID-kaart-kopie met de knoppen
u
d
en selecteer dan Aan.
6. Druk op de knop "OK" en druk vervolgens op de knop
x
.
Kopiëren
>
Beschikbare kopieermethoden
>
Identiteitskaart kopiëren
76
7. Plaats het origineel met de bedrukte zijde omlaag en duw het tegen de hoekmarkering.
Plaats een identiteitskaart op 5 mm van de hoekmarkering op de scannerglasplaat.
8. Plaats het origineel met de achterzijde omlaag, duw het tegen de hoekmarkering en druk op de knop
x
.
Kopiëren zonder marges
Kopieert zonder marge rond de randen. De aeelding wordt een beetje vergroot om de marges rond de randen
van het papier te verwijderen.
1. Plaats het origineel op de scannerglasplaat.
“Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen” op pagina 37
2. Selecteer Kopiëren op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
3. Stel het aantal kopieën in.
4. Selecteer of u wilt kopiëren in kleur of zwart-wit.
Kopiëren
>
Beschikbare kopieermethoden
>
Kopiëren zonder marges
77
5. Druk op de knop "OK" en druk vervolgens op de knop
d
.
6. Selecteer Randloze kopie met de knoppen
u
d
en druk dan op de knop
r
.
7. Selecteer Aan.
8. Geef de Uitbreiding op.
9. Druk op de knop "OK" en druk vervolgens op de knop
x
.
Menuopties voor kopiëren
Welke items beschikbaar zijn, is aankelijk van het geselecteerde menu.
Aantal kopieën:
Stel het aantal kopieën in.
Z/W:
Kopieert het origineel in zwart-wit.
Kleur:
Kopieert het origineel in kleur.
Dichtheid:
Verhoog de dichtheid wanneer het kopieerresultaat te zwak is. Verlaag de dichtheid wanneer de inkt
vlekt.
Papierinstelling:
Selecteer het papierformaat en de papiersoort die u hebt geladen.
Vergroot/Verklein:
Vergroot of verkleint de originelen.
Ware grootte
Kopieert met een vergroting van 100%.
Kopiëren
>
Menuopties voor kopiëren
78
Auto passend
Detecteert het scangebied en maakt het origineel automatisch groter of kleiner zodat het past op
het papierformaat dat u hebt geselecteerd. Wanneer het origineel een witte rand hee rondom,
wordt die witruimte vanaf de hoekmarkering van de glasplaat gedetecteerd als scangebied en kan
de witruimte aan de andere kant wegvallen.
Aangepast
Selecteer deze optie om op te geven in welke mate het origineel moet worden vergroot of
verkleind.
Aangep. Grootte:
Bepaalt de vergroting of verkleining die moet worden toegepast op het origineel. De waarde kan
liggen tussen 25 en 400%.
Formaat van origineel:
Selecteer het formaat van uw origineel. Wanneer u originelen kopieert die geen standaardformaat
hebben, selecteert u het formaat dat het meest overeenkomt met het formaat van de originelen.
Meerdere pagina's:
Selecteer de lay-out voor kopiëren.
Enkele pagina
Hiermee kopieert u een enkelzijdige origineel op één vel.
2-omhoog
Hiermee kopieert u twee enkelzijdige originelen op één vel in de indeling 2-op-1. Selecteer de lay-
outvolgorde en de afdrukstand van uw origineel.
Kwaliteit:
Selecteer de kopieerkwaliteit. Wanneer u Hoog selecteert, krijgt u afdrukken van betere kwaliteit,
maar het afdrukken duurt mogelijk langer.
ID-kaart-kopie:
Hiermee scant u beide zijden van een identiteitskaart en kopieert u ze naar één zijde van het papier.
Randloze kopie:
Kopieert zonder marge rond de randen. De aeelding wordt een beetje vergroot om de marges rond
de randen van het papier te verwijderen. Selecteer hoeveel u de aeelding wilt vergroten in de
instelling Uitbreiding.
Kopiëren
>
Menuopties voor kopiëren
79
Scannen
Basisinformatie over scannen......................................... 81
Originelen scannen naar een computer.................................. 83
Originelen scannen via WSD..........................................85
Originelen scannen naar een smart device................................88
Geavanceerd scannen...............................................88
Basisinformatie over scannen
Wat is een “scan”?
Een “scan” is het proces waarbij de optische informatie van papieren gegevens (zoals documenten,
tijdschriartikelen, foto's, tekeningen enzovoort) wordt omgezet in digitale aeeldingsgegevens.
U kunt gescande gegevens opslaan als een digitale aeelding, zoals JPEG of PDF.
Vervolgens kunt u de aeelding afdrukken, via e-mail verzenden enzovoort.
Scanopties
U kunt op verschillende manieren scannen om uw leven gemakkelijker te maken.
Als u een papieren document scant en vervolgens omzet in digitale gegevens, kunt u het op een computer of
smart device lezen.
Als u tickets of folders scant naar digitale gegevens, kunt u de originelen weggooien om rommel te verminderen.
Als u belangrijke documenten scant, kunt u deze in een back-up in cloudservices of op een andere
opslagmedium zetten, voor het geval u ze kwijtraakt.
U kunt de gescande foto's of documenten via e-mail naar vrienden verzenden.
Als u tekeningen en dergelijke scant, kunt u deze op sociale media delen met een veel hogere kwaliteit dan
wanneer u een foto met uw smart device neemt.
Als u uw favoriete pagina's uit kranten of tijdschrien scant, kunt u deze opslaan en de originelen weggooien.
Beschikbare scanmethoden
U kunt de volgende methoden gebruiken voor scannen met deze printer.
Scannen naar een computer
Er zijn twee methoden voor het scannen van originelen naar een computer: scannen vanaf het bedieningspaneel
van de printer en scannen vanaf de computer.
Scannen
>
Basisinformatie over scannen
>
Beschikbare scanmethoden
81
U kunt eenvoudig scannen vanaf het bedieningspaneel.
Gebruik de scantoepassing Epson ScanSmart voor scannen vanaf de computer. U kunt aeeldingen na het
scannen bewerken.
Scannen via WSD
U kunt de gescande aeelding met de WSD-functie opslaan op een computer die met de printer is verbonden.
Als u Windows 7/Windows Vista gebruikt, moet u op uw computer de WSD-instellingen congureren voordat u
gaat scannen.
Rechtstreeks scannen vanaf smart devices
Met de toepassing Epson Smart Panel op een smart device kunt u gescande aeeldingen rechtstreeks opslaan op
het smart device, zoals een smartphone of tablet.
Aanbevolen bestandsindelingen voor verschillende doeleinden
In het algemeen is de JPEG-indeling geschikt voor foto's, terwijl de PDF-indeling geschikt is voor documenten.
Lees de volgende beschrijvingen om de beste indeling te kiezen voor uw taak.
Scannen
>
Basisinformatie over scannen
>
Aanbevolen bestandsindelingen voor verschillende doeleinden
82
Bestandsindeling Beschrijving
JPEG (.jpg) Een bestandsindeling waarmee u de gegevens die moeten worden opgeslagen kunt
comprimeren. Als de compressieverhouding te hoog is, neemt de kwaliteit van de
afbeelding af en kunt u de afbeelding niet weer converteren naar de oorspronkelijke
kwaliteit.
Dit is de standaard afbeeldingsindeling voor digitale camera's. Deze indeling is geschikt
voor afbeeldingen met veel kleuren.
PDF (.pdf) Een algemene bestandsindeling die op verschillende besturingssystemen kan worden
gebruikt en waarbij de schermafbeelding hetzelfde is als het afdrukresultaat.
Daarnaast kunt u meerder pagina's als één bestand opslaan.
U kunt PDF-bestanden openen met speciale PDF-software of in webbrowsers.
Aanbevolen resoluties voor verschillende doeleinden
De resolutie gee het aantal pixels (kleinste gebied van een aeelding) voor elke inch (25,4 mm) aan en wordt
gemeten in dpi (dots per inch). Het voordeel van een hogere resolutie is dat de details in de aeelding duidelijker
worden. Er kleven echter ook nadelen aan:
Het bestand wordt te groot
(Wanneer u de resolutie verdubbelt, wordt het bestand ongeveer vier keer zo groot.)
Het duurt langer om de aeelding te scannen, op te slaan en te lezen
Het duurt langer om e-mails of faxberichten te verzenden en te ontvangen
De aeelding wordt te groot voor het beeldscherm of om op het papier af te drukken
Raadpleeg de tabel en stel de geschikte resolutie in voor het doel waarvoor u scant.
Doel Resolutie (referentie)
Weergeven op een computer
Verzenden per e-mail
Maximaal 200 dpi
Afdrukken met een printer
Verzenden per fax
200 tot 300 dpi
Originelen scannen naar een computer
Er zijn twee methoden voor het scannen van originelen naar een computer: scannen vanaf het bedieningspaneel
van de printer en scannen vanaf de computer.
Scannen
>
Originelen scannen naar een computer
83
Scannen via het bedieningspaneel
Opmerking:
Als u deze functie wilt gebruiken, moeten de volgende toepassingen op uw computer zijn geïnstalleerd.
Epson ScanSmart (Windows 7 of hoger of OS X El Capitan of hoger)
Epson Event Manager (Windows Vista/Windows XP of OS X Yosemite/OS X Mavericks/OS X Mountain Lion/Mac OS X
v10.7.x/Mac OS X v10.6.8)
Epson Scan 2 (toepassing vereist voor het gebruik van de scannerfunctie)
Zie de volgende informatie over het controleren op geïnstalleerde toepassingen.
Windows 10: klik op de startknop en controleer vervolgens de map Epson Soware > Epson ScanSmart en de map EPSON
> Epson Scan 2.
Windows 8.1/Windows 8: voer de naam van de toepassing in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven
pictogram.
Windows 7: klik op de startknop en selecteer Alle programma's. Controleer vervolgens de map Epson Soware > Epson
ScanSmart en de map EPSON > Epson Scan 2.
Windows Vista/Windows XP: klik op de startknop en selecteer Alle programma's of Programma's. Controleer vervolgens de
map Epson Soware > Epson Event Manager en de map EPSON > Epson Scan 2.
Mac OS: selecteer Ga > Toepassingen > Epson Soware.
1. Plaats de originelen.
“Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen” op pagina 37
2. Selecteer Scannen op het bedieningspaneel.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
3. Selecteer hoe de gescande aeelding op een computer moet worden opgeslagen.
Voorbeeld op computer (Windows 7 of hoger of OS X El Capitan of hoger): hiermee wordt een voorbeeld
van de gescande aeelding op een computer weergegeven voordat u de aeelding opslaat.
Scannen naar computer (JPEG): hiermee slaat u de gescande aeelding op in jpeg-indeling.
Scannen naar computer (PDF): hiermee slaat u de gescande aeelding op in PDF-indeling.
4. Selecteer de computer waarop u de gescande beelden wilt opslaan.
Scannen
>
Originelen scannen naar een computer
>
Scannen via het bedieningspaneel
84
5. Druk op de knop
x
.
Windows 7 of hoger of OS X El Capitan of hoger: Epson ScanSmart wordt automatisch gestart op uw
computer en het scannen begint.
Opmerking:
Raadpleeg de Help-functie van Epson ScanSmart voor gedetailleerde informatie over het gebruik van de soware.
Klik op Help in het scherm Epson ScanSmart om de Help te openen.
U kunt niet alleen vanaf de printer scannen, maar ook vanaf uw computer met Epson ScanSmart.
Scannen vanaf een computer
Met Epson ScanSmart kunt u scannen vanaf een computer.
Met deze toepassing kunt u in enkele eenvoudige stappen documenten en foto's scannen en de gescande
aeeldingen vervolgens opslaan.
1. Plaats de originelen.
“Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen” op pagina 37
2. Start Epson ScanSmart.
Win d ows 10
Klik op de knop Start en selecteer vervolgens Epson Soware > Epson ScanSmart.
Windows 8.1/Windows 8
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Win d ows 7
Klik op de knop Start en selecteer vervolgens Alle programma's > Epson Soware > Epson ScanSmart.
Mac OS
Selecteer Start > Toepassingen > Epson Soware > Epson ScanSmart.
3. Wanneer het scherm Epson ScanSmart wordt weergegeven, volgt u de instructies op het scherm om te
scannen.
Opmerking:
Klik op Help om uitgebreide informatie over de bediening weer te geven.
Originelen scannen via WSD
U kunt de gescande aeelding met de WSD-functie opslaan op een computer die met de printer is verbonden.
Opmerking:
Deze functie is uitsluitend beschikbaar voor computers met Windows 10/Windows 8.1/Windows 8/Windows 7/Windows
Vi s t a .
Als u Windows 7/Windows Vista gebruikt, moet u eerst uw computer instellen voordat u deze functie kunt gebruiken.
1. Plaats de originelen.
“Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen” op pagina 37
Scannen
>
Originelen scannen via WSD
85
2. Selecteer Scannen op het bedieningspaneel.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
3. Selecteer Naar WSD.
4. Selecteer een computer.
5. Druk op de knop
x
.
Een WSD-poort instellen
In dit gedeelte wordt uitgelegd hoe u een WSD-poort instelt voor Windows 7/Windows Vista.
Opmerking:
Voor Windows 10/Windows 8.1/Windows 8 wordt de WSD-poort automatisch ingesteld.
Voor het instellen van een WSD-poort is het volgende nodig.
De printer en de computer moeten verbinding hebben met het netwerk.
De printerdriver moet op de computer zijn geïnstalleerd.
1. Zet de printer aan.
2. Klik op Start en vervolgens op Netwerk op de computer.
3. Klik met de rechtermuisknop op de printer en klik vervolgens op Installeren.
Klik op Doorgaan wanneer het dialoogvenster Gebruikersaccountbeheer wordt weergegeven.
Scannen
>
Originelen scannen via WSD
>
Een WSD-poort instellen
86
Klik op Ver wijdere n en begin opnieuw als het scherm Ver wij der en wordt weergegeven.
Opmerking:
De printernaam die u instelt in het netwerk en de modelnaam (EPSON XXXXXX (XX-XXXX)) worden weergegeven in
het venster Netwerk. U kunt de printernaam die in het netwerk is ingesteld controleren vanaf het bedieningspaneel van
de printer of door een netwerkstatusvel af te drukken.
4. Klik op Uw apparaat is gereed voor gebruik.
5. Controleer het bericht en klik op Sluiten.
Scannen
>
Originelen scannen via WSD
>
Een WSD-poort instellen
87
6. Open het venster Apparaten en printers.
Win d ows 7
Klik op Start > Conguratiescherm > Hardware en geluiden (of Hardware) > Apparaten en printers.
Win d ows Vis ta
Klik op Start > Conguratiescherm > Hardware en geluiden > Printers.
7. Controleer of een pictogram met de naam van de printer in het netwerk wordt weergegeven.
Selecteer de printernaam wanneer u WSD gebruikt.
Originelen scannen naar een smart device
Opmerking:
Installeer Epson Smart Panel op uw smart device voordat u gaat scannen.
De weergave van Epson Smart Panel kan zonder waarschuwing worden gewijzigd.
De inhoud van Epson Smart Panel kan variëren aankelijk van het product.
1. Plaats de originelen.
“Originelen plaatsen” op pagina 35
2. Start Epson Smart Panel op uw smart device.
3. Selecteer op het startscherm het scanmenu.
4. Volg de instructies op het scherm om de aeeldingen te scannen en op te slaan.
Geavanceerd scannen
Meerdere foto's tegelijkertijd scannen
Met Epson ScanSmart kunt u meerdere foto's tegelijkertijd scannen en elke aeelding apart opslaan.
Scannen
>
Geavanceerd scannen
>
Meerdere foto's tegelijkertijd scannen
88
1. Plaats de foto's op de scannerglasplaat. Plaats ze op 4,5 mm (0,2 inch) van de horizontale en verticale rand van
de scannerglasplaat en plaats de foto's ten minste 20 mm (0,8 inch) uit elkaar.
Opmerking:
De foto's moeten groter zijn dan 15×15 mm (0,6×0,6 inch).
2. Start Epson ScanSmart.
Win d ows 10
Klik op de knop Start en selecteer vervolgens Epson Soware > Epson ScanSmart.
Windows 8.1/Windows 8
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Win d ows 7
Klik op de knop Start en selecteer vervolgens Alle programma's > Epson Soware > Epson ScanSmart.
Mac OS
Selecteer Start > Toepassingen > Epson Soware > Epson ScanSmart.
3. Wanneer het scherm Epson ScanSmart wordt weergegeven, volgt u de instructies op het scherm om te
scannen.
Gescande foto's worden als afzonderlijke aeeldingen opgeslagen.
Scannen
>
Geavanceerd scannen
>
Meerdere foto's tegelijkertijd scannen
89
Faxen
Voordat u faxfuncties gebruikt.........................................91
Overzicht van de faxfuncties van de printer.............................. 102
Faxberichten verzenden via de printer.................................. 104
Faxberichten ontvangen op de printer.................................. 108
Menuopties voor faxen............................................. 111
Andere faxfuncties gebruiken.........................................115
Een faxbericht verzenden via een computer.............................. 115
Faxberichten ontvangen op een computer................................119
Voordat u faxfuncties gebruikt
De faxfunctie is alleen beschikbaar voor de ET-4800 Series/L5290 Series.
Controleer de volgende punten voordat u de faxfuncties gaat gebruiken.
De printer, de telefoonlijn en (indien deze wordt gebruikt) de telefoon zijn correct aangesloten
De basisinstellingen in de (Wizard faxinstelling) zijn gecongureerd
Overige vereiste Faxinstellingen zijn gecongureerd
Zie “Gerelateerde informatie” hieronder om de instellingen te congureren.
Gerelateerde informatie
&“De printer aansluiten op een telefoonlijn” op pagina 91
&“De printer klaarmaken voor het verzenden en ontvangen van faxberichten” op pagina 95
&“Menu Basisinstellingen” op pagina 271
&“Instellingen voor de faxfuncties van de printer op maat congureren” op pagina 96
&“Faxinstellingen” op pagina 271
&“Contactpersonen beschikbaar maken” op pagina 100
&“Menu Standaardinst. gebr.” op pagina 276
&“Menu Rapportinstellingen” op pagina 275
De printer aansluiten op een telefoonlijn
Compatibele telefoonlijnen
U kunt de printer gebruiken via standaard analoge telefoonlijnen (PSTN = Public Switched Telephone Network) en
PBX (Private Branch Exchange) telefoonsystemen.
U kunt de printer mogelijk niet gebruiken via de volgende telefoonlijnen of systemen.
VoIP telefoonlijnen zoals DSL of glasvezellijnen
Digitale telefoonlijnen (ISDN)
Bepaalde PBX telefoonsystemen
Als er tussen de telefooncontactdoos in de muur en de printer adapters zoals terminaladapters, VoIP adapters,
splitters of DSL routers aangesloten zijn
Gerelateerde informatie
&“De printer aansluiten op een telefoonlijn” op pagina 91
De printer aansluiten op een telefoonlijn
Sluit de printer aan op een telefooncontactdoos via een RJ-11 (6P2C)-telefoonkabel. Als u een telefoon aansluit op
de printer, dient u een tweede RJ-11 (6P2C)-telefoonkabel te gebruiken.
Faxen
>
Voordat u faxfuncties gebruikt
>
De printer aansluiten op een telefoonlijn
91
Aankelijk van de regio wordt er mogelijk een telefoonkabel bij de printer geleverd. Als deze meegeleverd is,
gebruik deze dan.
U moet de telefoonkabel mogelijk aansluiten op een adapter voor uw land of regio.
Opmerking:
Verwijder de dop van de poort EXT. van de printer alleen als u uw telefoontoestel op de printer aansluit. Verwijder de dop
niet als u geen telefoon aansluit.
In gebieden waar vaak blikseminslagen optreden raden we aan om een piekbeveiliging te gebruiken.
Aansluiten op een standaard telefoonlijn (PSTN) of PBX
Sluit een telefoonkabel aan tussen de muurcontactdoos of PBX-poort naar de LINE poort aan de achterzijde van
de printer.
Gerelateerde informatie
&“Uw telefoontoestel aansluiten op de printer” op pagina 93
Aansluiten op DSL of ISDN
Sluit een telefoonkabel aan tussen de DSL-modem of ISDN terminaladapter naar de LINE-poort aan de achterzijde
van de printer. Raadpleeg de documentatie van de modem of adapter voor meer informatie.
Opmerking:
Als uw DSL modem niet uitgerust is met een ingebouwde DSL lter, sluit dan een aparte DSL lter aan.
Faxen
>
Voordat u faxfuncties gebruikt
>
De printer aansluiten op een telefoonlijn
92
2. Sluit het telefoontoestel met een telefoonkabel aan op de EXT.-poort.
Opmerking:
Als u een enkele telefoonlijn deelt, zorg er dan voor dat u uw telefoontoestel aansluit op de EXT.-poort van de printer.
Als u de lijn splitst om de telefoon en de printer afzonderlijk aan te sluiten, werken de telefoon en de printer niet goed.
3. Selecteer Fax op het bedieningspaneel van de printer.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
4. Neem de hoorn van de haak.
Als een bericht wordt weergegeven voor het verzenden of ontvangen van faxberichten, zoals in het volgende
scherm wordt getoond, is de verbinding tot stand gebracht.
Gerelateerde informatie
&“De printer klaarmaken voor het verzenden en ontvangen van faxberichten” op pagina 95
&“Instellingen congureren om een antwoordapparaat te gebruiken” op pagina 97
&“Congureer instellingen om faxberichten te ontvangen, alleen via een aangesloten telefoon (Extern
ontvangen)” op pagina 98
&“Ontvangstmodus:” op pagina 272
Faxen
>
Voordat u faxfuncties gebruikt
>
De printer aansluiten op een telefoonlijn
94
Gerelateerde informatie
&“Faxinstellingen” op pagina 271
&“Inkomende faxen ontvangen” op pagina 109
&“Instellingen congureren voor een PBX-telefoonsysteem” op pagina 97
&“Instellingen congureren wanneer u een telefoontoestel verbindt” op pagina 97
&“Instellingen congureren voor het blokkeren van ongewenste faxen” op pagina 98
&“Instellingen instellen om faxen te verzenden en ontvangen op een computer” op pagina 99
Instellingen congureren voor een PBX-telefoonsysteem
Congureer de volgende instellingen als u de printer gebruikt in kantoren die gebruik maken van extensies met
externe toegangscodes, zoals een 0 en 9 voor het verkrijgen van een buitenlijn.
1. Selecteer Instel. op het bedieningspaneel van de printer.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
2. Selecteer Faxinstellingen > Basisinstellingen.
3. Selecteer Lijntype en selecteer vervolgens PBX.
4. Wanneer u een fax verzendt naar een extern faxnummer met # (hekje) in plaats van de werkelijke
toegangscode, selecteert u Gebr. als de Toegangsco d e.
Het symbool # dat is ingevoerd in plaats van de werkelijke toegangscode, wordt tijdens het kiezen vervangen
door de opgeslagen toegangscode. Door gebruik te maken van # kunt u makkelijker verbinding maken met
een externe lijn.
Opmerking:
U kunt geen faxberichten verzenden naar ontvangers in Contacten waarvoor een externe toegangscode is ingesteld,
zoals 0 of 9.
Als u in Contacten ontvangers hebt geregistreerd met een externe toegangscode, zoals 0 of 9, stelt u de Toegangscode in
op Niet gebr.. Anders moet u de code voor # in Contacten wijzigen.
5. Voer de externe toegangscode voor uw telefoonsysteem in en druk vervolgens op de knop OK.
6. Druk op de knop OK om de instellingen toe te passen.
De toegangscode wordt opgeslagen in uw printer.
Instellingen congureren wanneer u een telefoontoestel verbindt
Instellingen congureren om een antwoordapparaat te gebruiken
Om een antwoordapparaat te kunnen gebruiken, moet u de printer correct instellen.
1. Selecteer Instel. op het startscherm op het bedieningspaneel van de printer.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
Faxen
>
Voordat u faxfuncties gebruikt
>
Instellingen voor de faxfuncties van de printer op maat congureren
97
Contactpersonen beschikbaar maken
Door een lijst met contactpersonen op te slaan kunt u makkelijk bestemmingen invoeren. U kunt tot 100 nummers
invoeren en u kunt de lijst met contactpersonen gebruiken als u een faxnummer invoert.
Contacten registreren of bewerken
1. Selecteer Instel. op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
2. Selecteer Contacten-beheer.
3. Voer een van de volgende handelingen uit.
Als u een nieuw contact wilt registreren, selecteert u Geg. toev. en selecteert u een nieuw
registratienummer.
Als u een nieuw contact wilt bewerken, selecteert u Bewerken en selecteert u het doelcontact.
Als u een contact wilt verwijderen, selecteert u Wissen, het doelcontact en Ja. Er zijn geen aanvullende
stappen nodig.
4. Congureer de benodigde instellingen.
Opmerking:
Als u een faxnummer invoert, moet u eerst een externe toegangscode voor het faxnummer invoeren als uw
telefoonsysteem PBX is. Deze toegangscode hebt u nodig om een buitenlijn te krijgen. Als de toegangscode is opgegeven
in de instelling van het Lijntype, voert u een hekje (#) i.p.v. de werkelijke toegangscode in. Om een pauze (drie
seconden) toe te voegen tijdens het bellen van het nummer, voegt u een koppelteken (-) toe.
5. Druk op de knop OK om door te gaan en selecteer Geg. toev. om het registreren of bewerken te voltooien.
Contactgroepen registreren of bewerken
Voeg contactpersonen aan een groep toe om een fax naar meerdere bestemmingen tegelijk te verzenden.
1. Selecteer Instel. op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
2. Selecteer Contacten-beheer.
3. Voer een van de volgende handelingen uit.
Als u een nieuwe groep contacten wilt registreren, selecteert u Groep toevoegen en selecteert u het
registratienummer.
Als u een groep contacten wilt bewerken, selecteert u Bewerken en selecteert u de doelgroep.
Als u een groep contacten wilt verwijderen, selecteert u Wi s s e n , doelgroep en Ja. Er zijn geen aanvullende
stappen nodig.
4. Voer of b ewerk de Groepsnaam en druk op OK.
Faxen
>
Voordat u faxfuncties gebruikt
>
Contactpersonen beschikbaar maken
100
5. Voer of b ewerk het Indexwoord en druk op OK.
6. Selecteer de contactpersonen die u in de groep wilt opslaan.
Elke keer wanneer u op de knop
r
drukt, wordt het contact geselecteerd of gedeselecteerd.
Opmerking:
U kunt tot 99 contactpersonen registreren.
7. Druk op de knop OK om door te gaan en selecteer Geg. toev. om het registreren of bewerken te voltooien.
Contacten registreren op een computer
Met Web Cong kunt u een contactlijst maken op uw computer en deze importeren naar de printer.
1. Open "Web Cong".
2. Selecteer Geavanceerde instellingen in de lijst rechts boven in het venster.
3. Selecteer Contactpersonen.
4. Selecteer het nummer dat u wilt registreren en klik vervolgens op Bewerken.
5. Vo er Naam, Indexwoord, Faxnummer en Faxsnelheid in.
6. Klik op Toepassen.
Gerelateerde informatie
&“Web Cong uitvoeren op een browser” op pagina 263
Items voor het instellen van de bestemming
Items Instellingen en toelichting
Naam Voer een naam in die in de contacten wordt weergegeven. Deze mag maximaal
30 tekens bevatten in Unicode (UTF-8).Als u dit niet opgeeft, laat u dit leeg.
Indexwoord Voer zoekwoorden in van maximaal 30 tekens in Unicode (UTF-8).Als u dit niet
opgeeft, laat u dit leeg.
Type Dit item is vastgelegd als Fax.Deze instelling kunt u niet wijzigen.
Faxnummer Voer hier tussen 1 en 64 tekens in. Gebruik 0–9 - * # en spatie.
Faxsnelheid Selecteer een communicatiesnelheid voor een bestemming.
Bestemmingen als groep registreren
1. Open "Web Cong".
Faxen
>
Voordat u faxfuncties gebruikt
>
Contactpersonen beschikbaar maken
101
Scaninstellingen bij het verzenden van een faxbericht
U kunt items zoals Resolutie of Origineel formaat (glas) selecteren bij het verzenden van faxberichten.
“Scaninstellingen” op pagina 112
Inst.faxverzending bij het verzenden van een faxbericht
U kunt Inst.faxverzending zoals Direct verzenden (een groot document stabiel verzenden) of Fax later
verzenden (een faxbericht verzenden op een tijdstip dat u opgee) gebruiken.
“Inst.faxverzending” op pagina 112
Functie: Faxberichten ontvangen
Ontvangstmodus
Er zijn twee opties in Ontvangstmodus om binnenkomende faxberichten te ontvangen.
Handmatig
Voornamelijk om te telefoneren, maar ook om te faxen
“Gebruik van de modus Handmatig” op pagina 109
Auto
- Alleen om te faxen (een extern telefoontoestel is niet vereist)
- Voornamelijk om te faxen en soms om te telefoneren
“Auto-modus gebruiken” op pagina 109
Faxberichten ontvangen met een verbonden telefoon
U kunt faxberichten met alleen een extern telefoontoestel ontvangen.
“Menu Basisinstellingen” op pagina 271
“Instellingen congureren wanneer u een telefoontoestel verbindt” op pagina 97
Functie: Verzenden/ontvangen met PC-FAX (Windows/Mac OS)
Verzenden met PC-FAX
U kunt faxberichten verzenden vanaf een computer.
“Soware voor faxen” op pagina 261
“Een faxbericht verzenden via een computer” op pagina 115
Ontvangen met PC-FAX
U kunt faxberichten ontvangen op een computer.
“Instellingen instellen om faxen te verzenden en ontvangen op een computer” op pagina 99
“Soware voor faxen” op pagina 261
“Faxberichten ontvangen op een computer” op pagina 119
Faxen
>
Overzicht van de faxfuncties van de printer
>
Functie: Verzenden/ontvangen met PC-FAX (Windows/Mac OS)
103
Functies: Verschillende faxrapporten
U kunt de status van ontvangen en verzonden faxberichten in een rapport controleren.
“Menu Rapportinstellingen” op pagina 275
“Inst.faxverzending” op pagina 112
“Verzendlogboek:” op pagina 113
“Faxverslag:” op pagina 114
Functie: Beveiliging bij het verzenden en ontvangen van
faxberichten
U kunt veel beveiligingsfuncties gebruiken, zoals Beperkingen dir. kiezen om verzending naar het verkeerde adres
te voorkomen, of Back-upgegevens Automatisch wissen om lekken van gegevens te voorkomen.
“Menu Veiligheidsinstel.” op pagina 275
Functies: andere handige functies
Ongewenste faxberichten blokkeren
U kunt ongewenste faxberichten weigeren.
“Weigeringsfax:” op pagina 273
Faxberichten ontvangen na bellen
Nadat u naar een ander faxapparaat hebt gebeld, kunt u documenten ontvangen van dat faxapparaat.
“Faxen ontvangen via een telefoonoproep” op pagina 110
“Polling ontvangen:” op pagina 114
Faxberichten verzenden via de printer
U kunt faxberichten verzenden door het faxnummer van de ontvanger op het bedieningspaneel van de printer in te
voeren.
Opmerking:
Als u een faxbericht in zwart-wit verzendt, kunt u de gescande aeelding bekijken op het display.
Faxen
>
Faxberichten verzenden via de printer
104
5. Als u een faxtoon hoort, druk op de toets
x
en haak dan in.
Opmerking:
Als een nummer gevormd wordt d.m.v. een aangesloten toestel, duurt de verzending langer omdat de printer tegelijk
scant en verzendt. Als de printer een fax aan het verzenden is, kunt u geen andere functies gebruiken.
6. Verwijder de originelen wanneer het verzenden is voltooid.
Gerelateerde informatie
&“Scaninstellingen” op pagina 112
&“Inst.faxverzending” op pagina 112
Meerdere pagina's van een zwart-witdocument verzenden (Direct verzenden)
Als u een faxbericht in zwart-wit verzendt, wordt het gescande document tijdelijk opgeslagen in het geheugen van
de printer. Hierdoor kan het verzenden van een groot aantal pagina's ervoor zorgen dat het geheugen van de
printer vol raakt. U kunt dit vermijden door de functie Direct verzenden te activeren, maar mogelijk duurt de
verzending langer omdat de printer tegelijk scant en verzendt. U kunt deze functie gebruiken als er maar één
ontvanger is.
Het menu openen
U vindt het menu op het bedieningspaneel van de printer.
Fax > Faxinstellingen Direct verzenden.
Faxberichten in zwart-wit verzenden op een speciek tijdstip (Fax later
verzenden)
U kunt op een speciek tijdstip een faxbericht verzenden. Dit kan uitsluitend bij faxberichten in zwart-wit.
1. Plaats de originelen.
2. Selecteer Fax op het startscherm.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
3. Kies de ontvanger.
4. Congureer instellingen om faxen op een speciek tijdstip te verzenden.
A
Druk op de knop OK en selecteer dan Inst.faxverzending.
B
Selecteer Fax later verzenden en selecteer vervolgens Aan.
C
Voer het tijdstip van verzending in en druk dan op de knop OK button.
U kunt, indien nodig, ook instellingen congureren voor bijvoorbeeld resolutie en verzendmethode in
Scaninstellingen of Inst.faxverzending.
5. Druk op de knop tot u terugkeert naar het scherm Fax en druk vervolgens op de knop
x
.
6. Verwijder de originelen wanneer het verzenden is voltooid.
Faxen
>
Faxberichten verzenden via de printer
>
Verschillende manieren om faxberichten te verzenden
107
Faxverslag:
Laatste overdracht:
Hiermee drukt u een rapport af voor het vorige faxbericht dat via polling is ontvangen of
verzonden.
Faxlogboek:
Hiermee drukt u een transmissierapport af. U kunt instellen dat dit rapport automatisch wordt
afgedrukt via het volgende menu.
Instel. > Faxinstellingen > Rapportinstellingen > Faxlog auto afdr.
Lijst faxinstellingen:
Hiermee drukt u de actuele faxinstellingen af.
Protocol traceren:
Hiermee drukt u een gedetailleerd rapport af voor de vorige verzonden of ontvangen fax.
Faxen opnieuw afdr.:
Hiermee worden de ontvangen faxberichten opnieuw afgedrukt op de printer.
Polling ontvangen:
Wanneer dit is ingesteld op Aan en u het faxnummer van de afzender belt, kunt u documenten
ontvangen van het faxapparaat van de afzender. Zie de onderstaande gerelateerde informatie voor
meer informatie over het ontvangen van faxberichten met Polling ontvangen.
Wanneer u het menu Fax verlaat, wordt de instelling hersteld naar Uit (standaard).
Faxinstellingen:
Open Instel. > Faxinstellingen. Open het instellingenmenu als beheerder.
Gerelateerde informatie
&“Faxen ontvangen via pollingdiensten (Polling ontvangen)” op pagina 110
Contacten-beheer
Selecteer de menu's op het bedieningspaneel zoals hierna beschreven:
Fax > Menu > Contacten-beheer
Open Instel. > Contacten-beheer.
U kunt ook contacten toevoegen of bewerken.
Faxen
>
Menuopties voor faxen
>
Contacten-beheer
114
De printkop uitlijnen
Als u een verkeerde uitlijning van verticale lijnen of onscherpe beelden ziet, lijn de printkop dan uit.
1. Selecteer Onderhoud op het bedieningspaneel van de printer.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
2. Selecteer Printkop uitlijnen.
3. Selecteer een van de uitlijningsmenu's.
Verticale lijnen zijn niet goed uitgelijnd of de afdrukken zijn wazig: selecteer Verticale uitlijning.
Er treedt regelmatig horizontale streepvorming op: selecteer Horizontale uitlijning.
4. Volg de instructies op het scherm om papier te laden en het uitlijningspatroon af te drukken.
Het papiertraject vrijmaken van inktvlekken
Als de afdrukken vlekken vertonen of bekrast zijn, reinig dan de roller binnenin.
c
Belangrijk:
Gebruik geen keukenpapier om de binnenkant van de printer te reinigen. Het kan zijn dat de spuitkanaaltjes van de
printkop verstopt zitten met stof.
1. Selecteer Onderhoud op het bedieningspaneel van de printer.
Als u een item wilt selecteren, gebruikt u de knoppen
u
d
l
r
en drukt u op de knop OK.
2. Selecteer Papiergeleider reinigen.
3. Volg de instructies op het scherm om papier te laden en de papierbaan te reinigen.
4. Herhaal deze procedure tot er geen vegen meer op het papier zitten.
De Scannerglasplaat reinigen
Wanneer de kopieën of gescande beelden vies zijn, moet u de scannerglasplaat reinigen.
!
Let op:
Pas bij het sluiten van het documentdeksel op dat uw vingers niet klem komen te zitten. Anders kunt u zich
verwonden.
c
Belangrijk:
Maak de printer nooit schoon met alcohol of thinner. Deze chemicaliën kunnen de printer beschadigen.
De printer onderhouden
>
De afdruk-, kopieer-, scan- en faxkwaliteit verbeteren
>
De Scannerglasplaat reinigen
128
Het origineel glijdt weg wanneer er papierstof op de rol zit.
Oplossingen
Maak de binnenzijde van de ADF schoon.
&“De automatische documentinvoer (ADF) schoonmaken” op pagina 129
Originelen worden niet gedetecteerd.
Oplossingen
Controleer op het scherm voor kopiëren, scannen of faxen of het ADF-pictogram brandt. Plaats de
originelen opnieuw als dit uit is.
Kan niet afdrukken
Kan niet afdrukken vanuit Windows
Controleer of de computer en de printer goed zijn verbonden.
De verbinding is bepalend voor de oorzaak en de oplossing van het probleem.
De verbindingsstatus controleren
Gebruik Epson Printer Connection Checker om de verbindingsstatus voor de computer en de printer te
controleren. Aankelijk van de resultaten van de controle kunt u het probleem oplossen.
1. Dubbelklik op het pictogram Epson Printer Connection Checker op het bureaublad.
Epson Printer Connection Checker wordt gestart.
Als er geen pictogram op het bureaublad staat, volgt u onderstaande methoden om Epson Printer Connection
Checker te starten.
Win d ows 10
Klik op de startknop en selecteer vervolgens Epson Soware > Epson Printer Connection Checker.
Windows 8.1/Windows 8
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Win d ows 7
Klik op de startknop en selecteer vervolgens Alle programma's > Epson Soware > Epson Printer
Connection Checker.
2. Volg de instructies op het scherm om de controle uit te voeren.
Opmerking:
Als de printernaam niet wordt weergegeven, installeert u een origineel Epson-printerstuurprogramma.
“Controleer of een origineel Epson-printerstuurprogramma is geïnstalleerd — Windows op pagina 135
Wanneer het probleem is geïdenticeerd, volgt u de oplossing die op het scherm wordt weergegeven.
Controleer het volgende voor uw situatie wanneer u het probleem niet kunt oplossen.
Problemen oplossen
>
De printer werkt niet naar behoren
>
Kan niet afdrukken
149
De printer wordt niet herkend bij een netwerkverbinding
“Kan geen verbinding maken met een netwerk” op pagina 150
De printer wordt niet herkend bij een USB-verbinding
“De printer kan niet via USB worden verbonden (Windows)” op pagina 153
De printer wordt herkend, maar er kan niet worden afgedrukt.
“Kan niet afdrukken, ondanks dat er verbinding is (Windows)” op pagina 153
Kan geen verbinding maken met een netwerk
Een van de volgende problemen kan de oorzaak zijn.
Er is iets mis met de netwerkapparaten voor de wi-verbinding.
Oplossingen
Schakel de apparaten die u met het netwerk wilt verbinden uit. Wacht circa 10 seconden en schakel de
apparaten in de volgende volgorde weer in: de draadloze router, de computer of het smart device en
tenslotte de printer. Verklein de afstand tussen de printer en de computer of het smart device enerzijds en
de draadloze router anderzijds om de radiocommunicatie te vereenvoudigen, en probeer vervolgens
opnieuw de netwerkinstellingen te congureren.
Apparaten kunnen geen signaal ontvangen van de draadloze router, omdat ze te ver uit
elkaar staan.
Oplossingen
Zet de computer of het smart device en de printer dichter bij de draadloze router. Schakel de draadloze
router vervolgens uit en weer in.
Wanneer u de draadloze router vervangt, komen de instellingen niet overeen met de
nieuwe router.
Oplossingen
Congureer de verbindingsinstellingen opnieuw, zodat deze overeenkomen met de nieuwe draadloze
router.
De SSID's voor verbinding met de computer of het smart device en de computer verschillen.
Oplossingen
Wanneer u meerdere draadloze routers tegelijk gebruikt of de draadloze router meerdere SSID's hee en
apparaten met verschillende SSID's zijn verbonden, kunt u geen verbinding maken met de draadloze
router.
Verbind de computer of het smart device via hetzelfde SSID als de printer.
Problemen oplossen
>
De printer werkt niet naar behoren
>
Kan niet afdrukken
150
9. Selecteer Uit voor IEEE 802.3az.
10. Klik op Volgende.
11. Klik op OK.
12. Verwijder de ethernetkabel die is aangesloten op de computer en de printer.
13. Als u bij stap 2 IEEE 802.3az hebt uitgeschakeld voor de computer, schakelt u dit weer in.
14. Sluit de ethernetkabels die u hebt verwijderd bij stap 1 aan op de computer en de printer.
Als het probleem nog steeds optreedt, zijn het mogelijk andere apparaten dan de computer die het
probleem veroorzaken.
De printer kan niet via USB worden verbonden (Mac OS)
Dit kan de volgende oorzaken hebben.
De USB-kabel is niet correct op het stopcontact aangesloten.
Oplossingen
Sluit de USB-kabel goed aan tussen de printer en de computer.
Er is een probleem opgetreden met de USB-hub.
Oplossingen
Als u een USB-hub gebruikt, sluit u de printer direct op de computer aan.
Er is een probleem opgetreden met de USB-kabel of de USB-poort.
Oplossingen
Als de USB-kabel niet wordt herkend, gebruikt u een andere poort of een andere USB-kabel.
Kan niet afdrukken, ondanks dat er verbinding is (Mac OS)
Dit kan de volgende oorzaken hebben.
Er is een probleem opgetreden met de software of gegevens.
Oplossingen
Controleer of een origineel Epson-printerstuurprogramma (EPSON XXXXX) is geïnstalleerd. Als er
geen origineel Epson-printerstuurprogramma is geïnstalleerd, zijn de functies beperkt. Het wordt
aanbevolen een origineel Epson-printerstuurprogramma te gebruiken.
Als u een aeelding afdrukt die uit een grote hoeveelheid gegevens bestaat, kan de computer een
tekort aan geheugen ondervinden. Druk de aeelding af op een lagere resolutie of een kleiner formaat.
Als u alle onderstaande oplossingen hebt geprobeerd en het probleem is nog steeds niet opgelost,
verwijder dan het printerstuurprogramma en installeer het opnieuw.
Problemen oplossen
>
De printer werkt niet naar behoren
>
Kan niet afdrukken
161


Product specificaties

Merk: Epson
Categorie: Printer
Model: ET-2825 Ecotank

Heb je hulp nodig?

Als je hulp nodig hebt met Epson ET-2825 Ecotank stel dan hieronder een vraag en andere gebruikers zullen je antwoorden




Handleiding Printer Epson

Handleiding Printer

Nieuwste handleidingen voor Printer